23 augustus 2004 - Openbaar Ministerie
Huisarts W. van O. pleegde naar beste eer en geweten een moord.
Zo staat het handelen van de Amsterdamse huisarts te boek na
uitspraken van het gerechtshof en de rechtbank in Amsterdam. Naar
verwachting spreekt de Hoge Raad zich dinsdag uit over de zaak,
want Van O. ging in cassatie. De huisarts kan niet leven met het
predikaat 'moord'.
Van O. beëindigde in februari 1997 het leven van een 85-jarige
vrouw. Ze was al stervende, maar lag die dag in haar eigen
ontlasting en met stinkende wonden in bed. Mensonterend en voor
haar dochters nog nauwelijks aan te zien. ,,Dit doe je toch je
hond niet aan?'' zeiden zij tegen de huisarts. Van O. gaf de
vrouw het spierverslappende middel allofirine, waarna zij vrijwel
meteen overleed.
Omdat de vrouw niet zelf om de levensbeëindiging vroeg en ook
niet ondraaglijk leed, kan het handelen van Van O. niet als
euthanasie worden bestempeld. Juridisch kan het alleen maar
worden bestempeld als moord. Het gerechtshof tekende daarbij aan:
,,Voorop gesteld moet worden dat in een geval als het onderhavige
de kwalificatie 'moord' niet in overeenstemming is met het
daaraan in het algemeen verbonden maatschappelijk gevoelen, maar
een juridisch-technische term betreft, waaraan niet te ontkomen
valt door de wijze waarop de wetgever de toetsing van gevallen
als deze heeft gewenst.''
Het hof veroordeelde Van O. tot een week voorwaardelijke
celstraf. De rechtbank legde de huisarts eerder geen straf op,
hoewel de rechters Van O. wel schuldig verklaarden. De rechtbank
stelde dat Van O. naar beste eer en geweten handelde.
De Amsterdamse huisarts is bekend van de IKON-documentaire Dood
op verzoek. De documentaire baarde internationaal opzien. Van O.
schreef over euthanasie het boek Dilemma's van een huisarts. De
strafzaak tegen hem heeft de huisarts in grote financiële
problemen gebracht. Collega's kwamen hem met een steunfonds
tegemoet. De Nederlandse Vereniging voor Vrijwillige Euthanasie
wees een verzoek
om financiële steun van Van O. af. Het handelen van Van O. viel
niet binnen de statuten van de vereniging.
Het arrest van de Hoge Raad wordt dinsdag verwacht, maar het
hoogste rechtscollege kan de zaak ook aanhouden. De Hoge Raad
beoordeelt of de strafzaak via de geldende regels is verlopen en
gaat niet inhoudelijk op de zaak in. Mocht de Hoge Raad een
nieuwe behandeling nodig achten dan gebeurt dit opnieuw door een
gerechtshof. (ANP)