Het OM heeft als taak in actie te komen bij overtreding van wetten en regels. Namens de samenleving brengt het OM verdachten van strafbare feiten voor de rechter. Bij het bepalen van de hoogte van de straf maken de officieren van justitie gebruik van richtlijnen om ervoor te zorgen dat voor vergelijkbare misdrijven vergelijkbare straffen worden opgelegd. Die richtlijnen zijn een hulpmiddel. Daarnaast kijken de officieren van justitie bij de beoordeling van een strafzaak ook steeds naar de individuele omstandigheden van het geval. Er zijn alleen richtlijnen voor veel voorkomende overtredingen en misdrijven, dus niet voor bijvoorbeeld moordzaken of grote fraudezaken.
Binnen de richtlijnen wordt gewerkt met een puntensysteem. Eerst wordt gekeken naar het ‘basisdelict’. Dat is het delict in de meest eenvoudige verschijningsvorm, dus zonder te kijken naar de omstandigheden. Aan de hand van het basisdelict wordt het aantal ‘basis strafpunten' toegekend.
Vervolgens wordt op grond van 'beoordelingsfactoren' die horen bij het basisdelict het aantal strafpunten verhoogd of verlaagd. Als iemand bijvoorbeeld een wapen heeft gebruikt, of er zijn slachtoffers gevallen, komen er strafpunten bij.
Alle strafpunten worden opgeteld en omgerekend in sanctiepunten. Eén sanctiepunt komt overeen met een vastgestelde hoeveelheid geld, met een vastgestelde duur van de taakstraf of gevangenisstraf of met een andere sanctie. De officier van justitie bepaalt op basis van de uitkomst de strafeis. Daarbij heeft de officier overigens altijd de mogelijkheid om af te wijken van de uitkomsten van het puntensysteem, op basis van individuele omstandigheden.
Als het OM besluit tot vervolging zal een verdachte in veel gevallen voor de rechter moeten verschijnen. Daar wordt de zaak met een verdachte besproken: hij mag zijn kant van het verhaal vertellen. Na alles te hebben aangehoord vraagt de officier van justitie aan de rechtbank een straf op te leggen: de strafeis. De eis moet recht doen aan de ernst van het misdrijf en aan de gevoelens in de samenleving. In de eis wordt, tot op zekere hoogte, ook rekening gehouden met de persoonlijke omstandigheden van een verdachte. En uiteraard moet een eis voldoen aan de richtlijnen die het OM daarvoor heeft gesteld en vallen binnen de kaders van de wet. De rechtbank velt uiteindelijk het eindoordeel.