2 februari 2010 - Landelijk Parket
Het openbaar ministerie (OM) heef vandaag bij de rechtbank Arnhem gevangenisstraffen van drieënhalf jaar, een jaar en negen maanden en een jaar geëist tegen drie verdachten van mensenhandel. De drie mannen stonden terecht, omdat zij jonge Hongaarse vrouwen dwongen tot prostitutie op de Achterdam in Alkmaar.
Tegen de 40-jarige hoofdverdachte is aangifte gedaan door twee vrouwen die gedwongen werden om van ’s middags tot diep in de nacht in de prostitutie te werken. Een van de vrouwen verklaarde tegen de politie dat zij de handelaar gehoorzaamde, omdat hij dreigde dat zij anders nooit meer thuis zou komen en haar dochter nooit meer zou zien.
Hij dreigde haar ook over te doen aan een andere pooier, die haar dan wel zou leren hoe meisjes moeten werken. De jonge vrouw denkt ongeveer 20 tot 25.000 euro te hebben verdiend. Dat geld had zij moet afgeven aan de verdachte. Vrouwen die niet genoeg verdienden moesten klanten zien te lokken.
De officier van justitie van het Landelijk Parket onderstreepte voor de rechtbank dat mensenhandel een misdaad is die mensen hun rechten ontneemt, hun dromen kapot maakt en hen berooft van hun waardigheid. “Mensenhandel is een wereldwijd probleem en er is geen land dat er immuun voor is. Miljoenen slachtoffers worden elk jaar geëxploiteerd in deze moderne vorm van slavernij. Uitbuiting van mensen, dag in dag uit.”
“Hoe kan het dat deze handel in mensen in de 21ste eeuw bestaat. Omdat het een misdaad is met lage risico’s en de hoge winsten. Gewetenloze handelaren exploiteren de armoede, hoop en onschuld van kwetsbare meisjes en vrouwen. De slachtoffers worden ontmenselijkt en als slaven gedwongen om keer op keer hun diensten aan te bieden”, aldus de officier van justitie.
De rechtbank doet uitspraak op 16 februari.