Daarnaast wordt door de opsporingsdienst onderzoek gedaan naar bezittingen van de verdachte teneinde hierop conservatoir beslag te leggen. Hierbij dient niet alleen gedacht te worden aan vermogensbestanddelen die afkomstig zijn van het gepleegde strafbare feit, maar ook aan legale vermogensbestanddelen (bijv. de geërfde klok van oma). Bij vermogensbestanddelen moet niet alleen gedacht worden aan stoffelijke roerende en onroerende goederen zoals auto's, sieraden, huizen of schepen, maar ook aan vorderingen, effecten, rechten uit intellectueel eigendom e.d. Het kunnen vermogensbestanddelen betreffen in zowel in binnenland als in het buitenland. Onder voorwaarden kan ook zogenaamd 'anderbeslag' worden gelegd op voorwerpen die toebehoren aan een ander dan de verdachte. Hierbij moet gedacht worden aan voorwerpen die afkomstig zijn van het betrokken misdrijf en die de ander zijn gaan toebehoren met het doel de uitwinning daarvan te bemoeilijken of te verhinderen. Die ander moet dan wel geweten hebben, althans redelijkerwijs kunnen vermoeden, dat het voorwerp van misdrijf afkomstig was. Dit alles met het doel verhaal van een later door de rechter op te leggen ontnemingsmaatregel veilig te stellen.
Beslaglegging in het buitenland geschiedt door de buitenlandse autoriteiten op verzoek van de OvJ (middels een zogenaamd rechtshulpverzoek). Tegen inbeslagname van voorwerpen kunnen belanghebbenden bij de rechter een klaagschrift indienen. Het opsporen van vermogensbestanddelen gebeurt niet alleen door de opsporingsdiensten, maar ook door de vermogenstraceerders van het BOOM die blijven zoeken naar bezittingen tot de opgelegde ontnemingsmaatregel volledig geëxecuteerd is.