In het Programma Versterking Opsporing en Vervolging zijn ambities geformuleerd, gericht op het vertrouwen dat gesteld moet kunnen worden in politie en OM.
De ambities zijn uitgewerkt in maatregelen op de terreinen van:
- versterking van de kwaliteit en professionaliteit om de criminaliteit daadkrachtig en effectief te kunnen bestrijden
- een zichtbaar transparante en integere werkwijze.
Die ambities hebben betrekking op een vijftal thema’s, t.w.:
-
Algemene eisen aan de opsporing
Door bindende afspraken over kwaliteit, werkwijze, validatie en certificering worden kwaliteitsgaranties geboden voor prestaties in de keten van opsporing en vervolging.
-
Duidelijkheid over het gezag in de opsporing
Door verheldering van de invulling van het gezag tussen politie en Openbaar Ministerie, met name in complexe opsporingsonderzoeken, kunnen de rollen en verantwoordelijkheden in het proces op de juiste wijze worden ingevuld.
-
Versterking van vakmanschap
Criminaliteit ontwikkelt zich in vele dimensies, o.a. geografisch, technologisch en in mate van complexiteit. Daarnaast stelt de samenleving duidelijke eisen aan de resultaten van handhaving en opsporing. Dit betekent voor de medewerkers van politie en Openbaar Ministerie dat de vraag naar professionaliteit en specialisme toeneemt. Dit vraagt om versterking van de professie en om normering in evenwicht met de daadwerkelijke vereisten.
-
Aandacht voor leiderschap en cultuur
Consequente, heldere invulling van leiderschap in beide organisaties verzekeren eenheid en kwaliteit van opsporing en vervolging. Herijking van de rollen van de rechercheofficier (w.o. het toeziend oog op de kwaliteit van de politie en van de geleverde producten door de politie) en parketleiding enerzijds en recherchemanagement en korpsleiding anderzijds moet leiden tot een meer effectieve sturing. Organisatie van tegenspraak, waar het strategisch management direct bij betrokken is, leidt tot een cultuur waarin reflectie en transparantie vanzelfsprekend zijn.
-
Permanente, ketenbrede kwaliteitsontwikkeling
Voortdurende oriëntatie op kwaliteitsverbetering ondersteunt de organisaties bij het realiseren van concrete verbeteringen van de bedrijfsvoering en processturing. Systematische toetsing van de algemene eisen maakt hiervan deel uit.
Alle uit de ambities voortvloeiende maatregelen zijn inmiddels stevig verankerd in de bestaande structuren van het OM:
- Tegenspraak is als instrument goed uitgekristalliseerd en opgenomen in het opleidingenprogramma van de SSR;
- Er worden eisen gesteld aan officieren van justitie wat betreft ervaring en opleiding alvorens zij leiding mogen geven aan een TGO-onderzoek;
- Indien een onderzoek is vastgelopen of dreigt vast te lopen, kan er een herbeoordeling (review) van het onderzoek plaatsvinden. Doel is om nieuwe aanknopingspunten te vinden voor nader technisch / tactisch / informatief onderzoek.
Geconcludeerd kan worden dat duidelijke eisen gesteld worden aan opleiding, ervaring en certificering, betere structurering van het onderzoek, heldere taakverdeling, meer bewuste en transparante keuzes in het onderzoek. Die eisen worden ervaren als verworvenheden van het Versterkingsprogramma.
Naast bovengenoemde maatregelen is er aandacht voor leiderschap en cultuur en de versterking van het vakmanschap. Zelfreflectie en een open instelling zijn randvoorwaarden voor een permanente professionalisering.
De officieren van justitie worden gestimuleerd om over hun vak na te denken. Ook daarvoor zijn cursussen en trainingen georganiseerd zoals:
- masterclasses requireren
- coachend leiderschap voor de rechercheofficieren van justitie
- een cyclus van professionele ontmoetingen voor de hoofdofficieren met doel de hoofdofficieren meer bij de inhoud van het vak te betrekken. Een gecomprimeerde TGO-cursus tbv de hoofdofficieren heeft hetzelfde doel
Dat heeft geleid tot een wezenlijk andere kijk op het “vak” van officier van justitie. De magistratelijke rol van de officier is heel belangrijk. Die rol veronderstelt nl. dat er een balans is tussen de magistratelijkheid en het sturing geven aan een opsporingsonderzoek: er moet sprake zijn van een “betrokken distantie”. Dat onderwerp komt inmiddels in alle cursussen en trainingen terug, evenals tegenspraak om tunnelvisie te voorkomen.
Naast het Versterkingsprogramma heeft het OM zich ook sterk gemaakt om de aanpak van sommige vormen van criminaliteit te intensiveren en de professionele kwaliteit op die gebieden te verhogen. Denk bijv. aan de aanpak van cybercrime, de financieel-economische criminaliteit. Ook de positie van het OM in het informatieproces rond de opsporing is versterkt door het aantrekken van informatieofficieren.
Geconcludeerd kan worden dat het OM enorme inspanningen heeft geleverd en nog steeds levert om de kwaliteit van het OM en de professie van de officieren van justitie te versterken. Doel was en is om daarmee het aantal fouten te minimaliseren, maar het blijft mensenwerk. Een foutloze organisatie bestaat nu eenmaal niet.