15 mei 2004 - Openbaar Ministerie
Onderstaand bericht is afkomstig van het Algemeen Nederlands
Persbureau (ANP):
Afspraken met getuigen in strafzaken zijn in bepaalde ernstige
zaken absoluut noodzakelijk. In dergelijke zaken kan de inzet van
een 'kroongetuige' ertoe bijdragen dat de waarheid boven tafel
komt. Ook kan het middel misdrijven die het leven of de
rechtsstaat ernstig bedreigen helpen voorkomen of beëindigen.
Dat heeft de Amsterdamse officier van justitie J. Plooy
geschreven in het meinummer van het Tijdschrift voor de
rechterlijke macht (Trema). Vorig jaar werd bekend dat Plooy
vanuit de onderwereld met de dood werd bedreigd. De top van het
Openbaar Ministerie (OM) verhinderde de inzet van een criminele
getuige in die kwestie. Deze getuige zou naar verluidt hebben
kunnen onthullen wie er achter de bedreiging van Plooy zat.
Over het fenomeen kroongetuigen dan wel afspraken met criminele
getuigen woedt in Nederland al vele jaren een discussie. Deze
werd met de affaire-Plooy weer actueel en leidde tot een zekere
onderlinge verdeeldheid binnen het OM. De commissie-Van Traa
bepleitte midden jaren negentig een wettelijke regeling, maar die
is er nog steeds niet. Volgens Plooy heeft de rechtspraktijk
inmiddels bewezen dat een ,,wettelijke verankering'' niet nodig
is.
In die praktijk vindt een zorgvuldige toetsing plaats. ,,De
rechtsstaat is minder snel in het geding dan soms wordt
gedacht'', aldus Plooy, waarbij hij verwijst naar de opstelling
van zijn hoogste baas De Wijkerslooth en minister Donner van
Justitie. Laatstgenoemde meende dat de rechtsstaat in het geding
was geweest als in de kwestie-Plooy van de criminele getuige
gebruik zou zijn gemaakt. Voor het overige laat Plooy zijn eigen
zaak, althans in concrete zin, onbesproken.
Het huidige wetsvoorstel noemt Plooy ,,belegen''. Een wettelijke
regeling leidt al snel tot ,,onwenselijk beperkingen''. Hij
bepleit een regeling die, toegesneden op de huidige tijd,
maatwerk mogelijk maakt en ruimte laat voor flexibiliteit. ,,De
rechterlijke controle heeft de afgelopen jaren bewezen dat het OM
te vertrouwen is'', schrijft hij.
Plooy besluit zijn uitvoerige artikel aldus: ,,Wanneer wantrouwen
en angst voor rechtsstatelijke beren op de weg vooropstaan, gaan
we feitelijk om het woud van de zware en georganiseerde
criminaliteit heen. Terwijl we er juist ìn moeten. De rechtsstaat
wordt bedreigd. Maar de bedreigingen komen toch echt veel meer
van buitenaf dan van binnenuit. Een Oost-Europees gezegde luidt:
als je het bos wilt ingaan moet je niet bang zijn voor beren.''
(ANP)