Maatregel Inrichting Stelselmatige Daders (ISD)

Kruimelpad

Inhoud pagina: Maatregel Inrichting Stelselmatige Daders (ISD)

De maatregel ISD is een maatregel om meerderjarige stelselmatige daders te plaatsen in een daartoe aangewezen inrichting. De wet is op 1 oktober 2004 in werking getreden. Met deze wet heeft de wetgever beoogd stelselmatige daders, die door het plegen van reeksen delicten veel criminaliteit en onveiligheid veroorzaken, voor een periode van maximaal twee jaar in een inrichting te plaatsen die specifiek voor hen bestemd is.

De maatregel ISD heeft de volgende doelstellingen:

  • Het terugdringen van ernstige criminaliteit en onveiligheid als gevolg van, door stelselmatige daders, gepleegde strafbare feiten.
  • Alleen bij duidelijke aanknopingspunten voor gedragsverandering en recidivevermindering zal aan de stelselmatige dader een aanbod voor een intensieve programma worden gedaan.

Met deze dwangmaatregel wordt beoogd het uitzichtloze patroon van vastzitten, vrijkomen en terugvallen dat deze groep stelselmatige daders kenmerkt, te doorbreken.

Een en ander betekent dus in de praktijk dat een verdachte die een simpele winkeldiefstal heeft gepleegd en aan de ISD-criteria voldoet voor de ISD-maatregel in aanmerking kan komen. Het nieuwe feit staat immers niet op zichzelf; het moet worden geplaatst en beschouwd in het licht van de stelselmatigheid waarmee een verdachte delicten heeft gepleegd. ISD wordt beschouwd als de allerlaatste-kans-voorziening, bestemd voor de zwaarste doelgroep.

In 2007 heeft het Amsterdamse parket een brochure uitgegeven over de ISDmaatregel. De brochure geeft u informatie over de wetgeving over de ISD-maatregel, de ratio van de wetgeving, de uitvoering in de (voornamelijk Amsterdamse) praktijk en landelijke jurisprudentie. De brochure is bestemd voor officieren van justitie, rechters, reclasseringsmedewerkers, gemeenteambtenaren, ketenpartners werkzaam bij de ketenunits en andere geïnteresseerden.

Doelgroep
De maatregel ISD is bedoeld voor stelselmatige meerderjarige daders, al dan niet met een verslavings- of psychiatrische problematiek. Zij hebben delicten gepleegd waarvoor door de rechter veelal gevangenisstraffen worden opgelegd die te kort zijn om daarvan voldoende drang te laten uitgaan tot vrijwillige opname en behandeling in een afkickkliniek in het kader van een schorsing. Indien de verdachte verslaafde is wel te kampen heeft met een andersoortige problematiek waarmee het plegen van strafbare feiten samenhangt, strekt de maatregel er ook toe een bijdrage te leveren aan de oplossing van zijn verslavingsproblematiek dan wel van die andere problematiek. De voormalige maatregel SOV (Strafrechtelijke Opvang Verslaafden) is geïncorporeerd in de nieuwe maatregel ISD.

Criteria om de ISD-maatregel te eisen
De officier van justitie kan op grond van onderstaande wettelijke eisen de ISD-maatregel op een Meervoudige Kamer eisen. Iemand komt in aanmerking voor een maatregel indien:De verdachte een misdrijf heeft gepleegd waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten;

  • De verdachte in de vijf jaar voorafgaand aan het door hem begane feit tenminste driemaal wegens een misdrijf onherroepelijk tot een straf of maatregel is veroordeeld en deze straffen dan wel maatregelen ten uitvoer zijn gelegd;
  • De veiligheid van personen of goederen het opleggen van de maatregel eist.

Naast de wettelijke eisen zijn er nog een aantal overige eisen opgesteld waaraan de verdachte moet voldoen. Hierbij gaat het onder meer om het aantal antecedenten, soort delicten en persoonlijke en sociale omstandigheden van de verdachte.

Behandeling
Afhankelijk van de motivatie van de ISD-veroordeelde wordt ofwel een motivatietraining dan wel een specifieke behandeling aangeboden. De behandeling houdt kort gezegd in een gedwongen opvang in een daartoe specifiek bestemde inrichting. Het voorziet niet in een dwangbehandeling. Behandelprogramma's zijn bijvoorbeeld die waarin cognitieve vaardigheden of agressiebeheersing aan bod komen.

De ISD en de vervolgvoorzieningen worden aangeboden in de regio waar de verdachte woont dan wel (indien hij zonder vaste woonplaats is) de meeste criminaliteit en onveiligheid heeft gepleegd. Amsterdam zal in de loop naar 2006 geleidelijk de beschikking krijgen over 87 ISD-plaatsen. Daarnaast houdt Amsterdam de beschikking over 72 SOV-plaatsen.

Rechtbank/meervoudige kamer
De zaak moet in de regel binnen drie maanden op de zitting worden gebracht. De beoordeling van de rechter over een op te leggen ISD-maatregel is dermate zwaar, dat in de wet is opgenomen dat uitsluitend een meervoudige kamer hierover mag beslissen. Het voorlichtingsrapport en het advies, met redenen omkleed, gedagtekend en ondertekend, van de reclassering worden aan de rechter voorgelegd.

De zittingsofficier beoordeelt het rapport van de reclassering. Afhankelijk van de inhoud van het rapport vordert de officier een ISD-maatregel. Het is in de strafrechtspleging gebruikelijk dat op het moment van berechting zoveel mogelijk openstaande zaken worden afgedaan. Dat geldt ook voor een zaak waarin een ISD kan worden opgelegd. De rechter houdt bij het opleggen van de ISD-maatregel rekening met de aard en de omvang van het strafrechtelijke verleden van de verdachte. Hij doet dat aan de hand van de uitgebrachte rapportages.

Even geduld aub.
Naar boven

Zoeken