Bewijsmateriaal
Na een aangifte of ontdekking van een strafbaar feit begint de politie met een onderzoek. De recherche gaat op zoek naar bewijsmateriaal. Hiervoor kan uw medewerking gevraagd worden. Voor de bewijsvoering kunnen namelijk allerlei bijzonderheden van belang zijn. Verklaringen van mensen die iets gezien of gehoord hebben, zijn waardevol.
Voor het politie-onderzoek is het belangrijk dat u zoveel mogelijk details vertelt van wat u gezien of gehoord hebt. U kunt daar gerust de tijd voor nemen. Waarschijnlijk wordt u gevraagd om uw verhaal een paar keer te vertellen. Aan het eind van het gesprek vraagt de politie u de verklaring zorgvuldig te lezen. Als u geen op- of aanmerkingen hebt, kunt u de verklaring ondertekenen. Dit betekent dat u het eens bent met de tekst. Van de verklaring kunt u meestal een
kopie krijgen. Vergeet niet de naam te vragen van de politieman of -vrouw die over de zaak gaat. Dat is handig als u voor informatie contact wilt opnemen met de politie.
De politie zal u de verdere gang van zaken uitleggen. Ook als slachtoffer zult u meest al als getuige worden gehoord. Datzelfde geldt als u aangifte doet van een strafbaar feit.
De verdachte
Als de verdachte voor u een onbekende is, kan de politie u vragen foto’s van mogelijke verdachten te bekijken. Ook kan u gevraagd worden naar videobeelden te kijken of mee te werken aan het maken van een compositietekening. Wanneer de vermoedelijke dader is aangehouden, kan de politie vragen of u naar het bureau wilt komen. De vraag is daar of u de verdachte herkent.
Dat gebeurt met een confrontatiespiegel: een spiegel waar maar aan één kant doorheen kan worden gekeken. U ziet de verdachte wel; hij/zij ziet u niet.
Voortgang
Het kan gebeuren dat u na het afleggen van uw verklaring niets meer hoort. Dit hoeft niet te betekenen dat er niets met uw verklaring wordt gedaan. Het is mogelijk dat de politie het onderzoek niet rond krijgt. De verdachte kan bijvoorbeeld niet worden opgespoord of er is onvoldoende bewijsmateriaal te vinden. De politie besluit dan om de zaak te laten rusten. Dit betekent niet dat u niet wordt geloofd. De politie gaat er in principe vanuit dat uw verhaal waar is, maar kan het juridische bewijs niet leveren. In dat geval komt het niet tot een rechtszaak.
Als u meer wilt weten over het verloop van het onderzoek, informeert u dan bij de politieman of -vrouw die de verklaring heeft opgenomen.
Het kan zijn dat de officier van justitie een nader onderzoek nodig vindt voordat een beslissing over verdere stappen genomen kan worden. Hij vraagt dan aan de rechter-commissaris een gerechtelijk vooronderzoek te verrichten. De rechter-commissaris heeft meer bevoegdheden dan de politie. Via het gerechtelijk vooronderzoek moeten meer feiten boven water komen. Dat kunnen feiten zijn die tegen of die voor de verdachte pleiten. Op grond van dat onderzoek neemt de officier van justitie de beslissing een verdachte wel of niet te vervolgen.
Bij een gerechtelijk vooronderzoek kan de rechter-commissaris u als getuige oproepen om vragen te beantwoorden. U bent volgens de wet verplicht om te komen. Bij verhindering moet u de rechter-commissaris tijdig op de hoogte stellen. In zeer uitzonderlijke gevallen kan de rechter-commissaris besluiten u onder ede te horen. Dit gebeurt alleen wanneer u niet op de rechtszitting kunt verschijnen en toch een beëdigde verklaring nodig is. Een beëdigde verklaring kan ook worden afgelegd als er sprake is van een ernstig vermoeden dat de getuige niet op de rechtszitting zal kunnen verschijnen of dat de gezondheidstoestand van de getuige door het afleggen van een verklaring ter zitting ernstig in gevaar wordt gebracht.
Of u toch nog op de rechtszitting moet verschijnen bepaalt uiteindelijk de zittingsrechter. In de meeste gevallen hoeft u niet op de rechtszitting te komen. Soms kan de rechter van oordeel zijn dat u wel moet verschijnen. Meestal gebeurt dat op verzoek van de verdediging.
Bij het vooronderzoek kunt u ook dingen vertellen die niet in uw eerdere verklaring zijn opgenomen, bijvoorbeeld omdat u zich die pas later herinnert. Meestal is de advocaat van de verdachte bij het verhoor aanwezig. Deze mag u vragen stellen. De verdachte zelf is nooit aanwezig. Verder is er een griffier bij; die schrijft op wat er wordt gezegd.
U kunt via de griffier aan de rechter-commissaris vragen of u iemand mee mag nemen. Toestemming van de rechter-commissaris is daarvoor namelijk vereist.
Dat verzoek kunt u schriftelijk, mondeling of telefonisch doen.
De griffier maakt een schriftelijk verslag van het verhoor. Dat verslag bevat een samenvatting van uw verhaal. De rechter-commissaris leest het voor en vraagt aan u of u het ermee eens bent. Als dat het geval is, verzoekt hij u de verklaring te ondertekenen.
De officier van justitie wil op de rechtszitting een zaak zo sterk mogelijk maken.Hij gebruikt daarvoor de resultaten van het politie-onderzoek en die van het eventuele gerechtelijk vooronderzoek. De officier kan mensen oproepen die iets belangrijks kunnen zeggen: de getuigen en de getuige-deskundigen.
De getuige weet uit eigen waarneming iets over de zaak; de deskundige wordt opgeroepen vanwege zijn/haar speciale deskundigheid (bijvoorbeeld een psycholoog). Een slachtoffer kan ook worden opgeroepen als getuige. Als u vreest dat uw gezondheidstoestand ernstig in gevaar komt door het afleggen van een verklaring op de rechtszitting, kunt u dat meedelen aan de officier van justitie en de rechtbank. De rechtbank beslist uiteindelijk of u wel of niet op de rechtszitting moet verschijnen.
Een oproep krijgt u door middel van een brief. Getuigen zijn verplicht om te komen. Als u om persoonlijke redenen niet kunt komen, moet u een brief schrijven aan de officier van justitie. Maak daarin duidelijk waarom u niet op de zitting kunt komen. Zo’n verzoek wordt niet altijd gehonoreerd. De officier van justitie kan besluiten dat u toch moet komen. De rechtbank beslist uiteindelijk of u ook tegen uw wil door de politie naar de zitting moet worden gebracht. Als u de Nederlandse taal niet of niet voldoende beheerst, kunt u de officier van justitie om een tolk vragen.
Er is een bijzondere procedure voor getuigen tegen wie bedreigingen zijn geuit. Deze kan alleen worden toegepast als de verdachte uw identiteit niet kent en als het gaat om ernstige strafbare feiten. Een ernstige bedreiging is aanwezig, als redelijkerwijs te vrezen valt voor uw leven, gezondheid of veiligheid, de ontwrichting van uw gezinsleven of sociaal-economisch bestaan. De bijzondere procedure houdt in dat uw identiteit voor de verdachte en zijn raadsman verborgen wordt gehouden. Bovendien hoeft u niet op de openbare rechtszitting te verschijnen, maar alleen voor de rechter-commissaris.
De rechter-commissaris beoordeelt of hij uw verzoek om uw verklaring anoniem af te leggen kan inwilligen. Bij het aanvragen van deze procedure en het afleggen van uw verklaring kunt u zich laten bijstaan door een advocaat. De rechter-commissaris moet ervoor zorgen dat uw verklaring zo wordt opgesteld dat uw identiteit niet kan blijken.
Als u bij het eerste verhoor door de politie al hebt meegedeeld dat u wegens bedreiging liever geen verklaring aflegt, zal de politie met de officier van justitie overleg kunnen plegen over het vorderen van de bijzondere procedure, die hiervoor beschreven is.
Er zijn twee soorten getuigen. Getuigen à charge en getuigen à décharge. Getuigen à charge zijn getuigen die zijn opgeroepen door de officier van justitie. Zij hebben in de regel een belastende verklaring voor de verdachte. De verdachte en zijn advocaat kunnen op hun beurt ook getuigen laten oproepen. Dit zijn de getuigen à décharge. Ook zij worden door middel van een brief opgeroepen door de officier van justitie.
In principe zijn rechtszittingen openbaar. Iedereen mag het proces bijwonen, ook mensen van de pers. Over de aanwezigheid van minderjarigen beslist de rechter.
De rechter kan besluiten om een zaak achter gesloten deuren te behandelen.Dat wil zeggen zonder publiek en pers. Dit komt zelden voor. Ook u als getuige kunt de rechter verzoeken om een behandeling achter gesloten deuren. Indien u een dergelijk verzoek aan de rechter wilt doen, kunt u dit het beste van tevoren aan de officier van justitie mededelen. Als de verdachte jonger is dan achttien jaar, wordt de zaak altijd achter gesloten deuren behandeld.
Wanneer u moet getuigen, kunt u iemand naar de rechtszitting meenemen. Op de dag van de zitting meldt u zich bij de portier van het gerechtsgebouw. Hij vertelt u waar u moet zijn. Meestal moet u even wachten in een wachtruimte of een hal. U wordt opgehaald door een bode van de rechtbank. De bode zal u ook uw plaats in de zittingszaal wijzen.
Politierechter
Komt de zaak voor bij de kantonrechter of de politierechter dan ziet u in de zaal één rechter zitten. Links van de rechter aan een aparte tafel, zit de officier van justitie en rechts de griffier.De verdachte en zijn of haar advocaat zitten tegenover de rechter.
Rechtbank (meervoudige kamer)
Bij de meervoudige kamer (voor ernstiger misdrijven) zijn er drie rechters. De rechter in het midden is de voorzitter. Links staat de officier van justitie aan een aparte tafel en rechts zit de griffier. Tegenover de rechters zitten de verdachte en de advocaat.
Bij binnenkomst van de rechter(s) gaat iedereen even staan. De rechter, of bij meer rechters de president, voert het woord. De griffier schrijft op wat er wordt gezegd. De procedure is in de wet vastgelegd. De rechter vraagt naar de naam en het adres van de verdachte en wijst hem op het recht vragen niet te beantwoorden. Daarna leest de officier van justitie de aanklacht voor. Daarin staat waarvan de verdachte wordt beschuldigd. Vervolgens stelt de rechter vragen aan de verdachte om er achter te komen of hij vasthoudt aan de verklaringen die hij bij de politie heeft afgelegd.
Getuigenverhoor
De rechter vraagt uw naam, geboortedatum, beroep en woonplaats. Ook moet u vertellen of u familie van de verdachte bent. (Is dat het geval dan hoeft u niet te getuigen. Het mag wel. Als u wel gehoord wilt worden kunt u tijdens zo’n vrijwillig verhoor als familielid altijd nog weigeren om op bepaalde vragen antwoord te geven).
Daarna moet u de eed of belofte afleggen. U verklaart volgens een plechtige formule dat u de waarheid zult spreken. Dan kan het verhoor beginnen. Probeert u zich zo min mogelijk aan te trekken van de formele gang van zaken. Vertel rustig uw verhaal. Wees niet bang om te zeggen dat u iets niet zeker weet. Het is normaal dat u zich niet alles precies kunt herinneren.
Weigeren om antwoord te geven
Van een getuige wordt verwacht dat hij meewerkt aan de gang van zaken en een waarheidsgetrouwe verklaring aflegt. Dat betekent niet dat u verplicht bent om op elke vraag antwoord te geven. Redenen om een antwoord te weigeren zijn onder andere:
– u bent naaste familie van de verdachte;
– u oefent een beroep uit dat u tot geheimhouding verplicht, zoals dokter of notaris.
– als de rechter u zegt dat u geen antwoord behoeft te geven.
Aanwezigheid van de verdachte
U kunt voorafgaand aan de zittng de officier van justitie vragen of hij de rechter wil verzoeken de verdachte te laten verwijderen voor de duur van uw verhoor. Tijdens de zitting kunt u dit zelf ook aan de rechter vragen. De rechter kan dit weigeren. Gaat de rechter op uw verzoek in dan heeft hij wel de plicht om de verdachte achteraf op de hoogte te brengen van dat wat u als getuige hebt verklaard.
Apart verhoor
Iedere getuige wordt apart verhoord. Als er vóór u getuigen aan de beurt zijn, moet u naar buiten. De rechter stelt u vragen over de verklaring die u eerder bij de politie hebt afgelegd. Hij wil waarschijnlijk toelichting op bepaalde punten. Na het verhoor door de rechter zal de officier van justitie u misschien ook vragen stellen. Daarna is het de beurt aan de advocaat van de verdachte.
Verdachte en getuige
Officieel heeft de verdachte als laatste het recht u vragen te stellen. Dat geldt ook als hij buiten de zaal is geweest. In de praktijk maken verdachten nauwelijks gebruik van de mogelijkheid. Als u getuige bent van de verdachte of zijn advocaat is de volgorde anders. Als er op de zitting het vermoeden ontstaat dat u niet de waarheid spreekt, kan de rechter of de officier van justitie een onderzoek naar meineed bevelen. Na uw verhoor mag u de rechtszitting verder volgen. U kunt ook aan de rechter vragen weg te mogen gaan. Na u kunnen nog eventuele andere getuigen of getuige-deskundigen worden gehoord.
Na de ondervragingen op de terechtzitting houdt de officier van justitie zijn requisitoir. Hierin zet hij de feiten op een rij, geeft zijn mening over het bewijs en eist op grond daarvan een bepaalde straf. Als de officier van justitie klaar is, begint de advocaat met het pleidooi. De verdachte krijgt het laatste woord.
Uitspraak
Bij de kantonrechter en de politierechter wordt in het algemeen direct uitspraak gedaan, bij de meervoudige kamer uiterlijk twee weken na de zitting. U kunt dan zelf naar de rechtbank gaan om het vonnis te horen. Ook kan iemand anders voor u gaan; uitspraken zijn altijd openbaar. U kunt ook naar de griffier van de rechtbank bellen om van hem de uitspraak te vernemen. Soms staat de uitspraak in de plaatselijke krant. De rechter hoeft in het vonnis de eis van de officier van justitie niet te volgen. Het kan gebeuren dat de rechter vrijspreekt of een hogere of lagere straf geeft dan de officier heeft geëist.
Hoger beroep bij het Gerechtshof
Als de officier van justitie het niet eens is met uitspraak kan hij in hoger beroep gaan. Dat recht heeft de verdachte ook. Bij hoger beroep bekijken andere rechters dezelfde zaak en geven daar hun oordeel over. Zolang een zaak in hoger beroep is, wordt het vonnis nog niet uitgevoerd.
De beslissing om hoger beroep in te stellen moet binnen veertien dagen na de uitspraak worden genomen. De behandeling van een hoger beroep duurt meestal negen maanden tot één jaar.
Als het Gerechtshof u wil horen
Wordt u opnieuw als getuige opgeroepen. Dit gebeurt niet vaak. U hebt immers al eerder getuigd over wat u hebt gezien of gehoord. Het is mogelijk dat u niet voor de rechtbank gehoord bent, maar dat het Gerechtshof u wel wil horen als getuige. De tijd tussen de door u bij de politie afgelegde verklaring en de behandeling bij het Gerechtshof is dan vrij lang. Als u zich niet meer precies herinnert wat u destijds verklaard hebt dan kunt u dit tegen de rechters zeggen.
De formele gang van zaken bij het Gerechtshof is dezelfde als bij de rechtbank. Na behandeling door het Gerechtshof, kan de zaak terechtkomen bij de Hoge Raad. De Hoge Raad beoordeelt alleen de juridische kanten van de zaak en hoort de getuigen niet zelf. De Hoge Raad is het hoogste rechtscollege van Nederland en is gevestigd in Den Haag.
Als getuige kunt u een vergoeding krijgen voor tijdverzuim, daarmee verband houdende noodzakelijke kosten en voor de gemaakte reiskosten. Op de oproeping vindt u daarover nadere inlichtingen. Indien u bent opgeroepen door de verdachte en zijn advocaat zonder medewerking/ dagvaarding van de officier van justitie, dan zijn de kosten voor rekening van de verdachte. Zijn advocaat kan u daarover meer vertellen.