
Boete van ruim honderd miljoen euro voor dividendstripping
Uitgelichte strafzaak
Met OM-strafbeschikkingen legde het Openbaar Ministerie zonder tussenkomst van de rechter een boete van 101 miljoen euro op aan de zakenbank en financieel dienstverlener Morgan Stanley. Via twee vennootschappen in Amsterdam en Londen maakte het bedrijf zich jarenlang schuldig aan dividendbelastingontduiking in Nederland, ook wel ‘dividendstripping’ genoemd.
Wie Nederlandse aandelen bezit en op die aandelen dividend (winst) krijgt uitgekeerd, moet daarover dividendbelasting betalen. De Nederlandse belastingwet maakt daarbij onderscheid tussen binnenlandse en buitenlandse dividendontvangers. Binnenlandse ontvangers van dividend hebben het recht die dividendbelasting te compenseren. Dat kan door die te verrekenen of terug te vragen bij de Belastingdienst. Volgens de Nederlandse wet hebben binnenlandse ontvangers daar alleen recht op als ze de uiteindelijk gerechtigde zijn tot die dividenden.
Het OM is van oordeel dat Morgan Stanley er - door middel van een speciaal daarvoor ingerichte structuur - voor zorgde dat partijen die geen recht op verrekening of teruggave van de dividendbelasting hadden, ten onrechte toch jarenlang het voordeel konden genieten van een gedeelte van de verrekende dividendbelasting. Hierdoor was de zakenbank van 2009 tot 2013 volgens het OM betrokken bij dividendbelastingontduiking en maakte de bank zich schuldig aan het opzettelijk indienen van onjuiste belastingaangiften.
Belastingcontrole en strafrechtelijk onderzoek
Eind 2010 kwam de Belastingdienst de transacties op het spoor en begon daarover vragen te stellen. Dit mondde uit in een jarenlange belastingcontrole en belastingprocedure. Na aanvullend feitenonderzoek van de FIOD werd voor het eerst zicht gekregen op het volledige feitencomplex. In het voorjaar van 2025 kondigde het Functioneel Parket aan Morgan Stanley te zullen dagvaarden, maar van een gang naar de rechter kwam het niet. In november, vlak voor het begin van het strafproces, stemde de bank ermee in om geldboetes van in totaal 101 miljoen euro in de vorm van OM-strafbeschikkingen te accepteren. Daarmee stond de schuld van de bank ten aanzien van de verboden gedragingen voor het OM vast.
Het OM vindt de strafbeschikkingen in deze zaak passend, omdat ook de strafrechter aan rechtspersonen (als ze schuldig worden bevonden) alleen een geldboete kan opleggen. De boete van 101 miljoen euro komt bovenop de verschuldigde belasting die Morgan Stanley eind 2024 met rente alsnog aan de Belastingdienst betaalde. Dat was een bedrag van 200 miljoen euro.