
‘Dóe dat Aaikofje even’
Met de infobox Crimineel en Onverklaarbaar Vermogen (iCOV) kunnen opsporing en vervolging criminelen harder treffen
Kleine moeite, groot effect. Opsporingsdiensten en het OM kunnen criminelen beter pakken, afpakken en ontnemen, als ze vaker iCOV-rapportages aanvragen over het vermogen, de inkomsten, de relaties en de rechtspersonen van verdachten. Dat is de overtuiging van iCOV-directeur Stijn van den Broek en deelprojectleider van het Vermogensdossier bij het Functioneel Parket, Debby Westerbeek. “Bij criminele kopstukken zijn we misschien te laat, maar de jonge aanwas kunnen we hiermee stoppen.”
‘iCOV-rapportage’. Klinkt ambtelijk. Niet als stevig en strafzaakachtig. Niet als een wapen in handhavershanden dat criminelen schrik aanjaagt. Toch kan zo’n in een handomdraai gegeneerde rapportage groot effect hebben.
Dat merkte een verdachte die van de rechter de vraag kreeg hoe hij toch in staat was geweest om met cash geld een dure auto aan te schaffen. Heel simpel, antwoordt de verdachte: door zijn kapperszaak. Die boerde de afgelopen jaren zo goed dat hij met de binnengestroomde contanten naar de garage kon om de auto te kopen. De rechter vindt het geen overtuigend verhaal. Hij wijst de verdachte op de iCOV-rapportage Vermogen en Inkomen die in het zaaksdossier staat. Deze ‘iRVI’ maakt weliswaar melding van het bestaan van de kapperszaak van de verdachte. Maar de datum van het starten van de kapperszaak lag pas ná de datum van de auto-aanschaf. Dus, heeft de verdachte echt geen andere verklaring waarom hij goed in de slappe was zat? Zo’n alternatieve verklaring van de verdachte blijft uit. Dan is het de rechtbank duidelijk dat het vermogen van de verdachte geen legale herkomst heeft. En de kapper, hij wordt geknipt (veroordeeld voor witwassen) en geschoren (ontnomen).
Beeld: © OM
FP-vermogensadviseur Debby Westerbeek en iCOV-directeur Stijn van den Broek
Gedegen inzicht
Het voorbeeld is van Stijn van den Broek, directeur van de infobox Crimineel en Onverklaarbaar Vermogen (iCOV, zie ook het kader). Hij had veel meer voorbeelden kunnen noemen, zegt hij. “Tik op rechtspraak.nl maar eens de term ‘iCOV’ in. Dan komen zo’n tweehonderd uitspraken tevoorschijn waarin expliciet verwezen wordt naar de inhoud van die iCOV-rapportages. De rapportages zijn overigens op zichzelf niet voldoende als bewijs. De informatie in de rapportages geldt als sturingsinformatie. Daarmee gaat de opsporing aan de slag om de informatie op te werken tot bewijs. Het voorbeeld van de kapper toont aan dat je met heel feitelijke, historische informatie vaak het verhaal dat de verdachte de rechter op de mouw probeert te spelden, onderuit kunt halen. Dergelijke feitelijke informatie kan ook bijdragen aan het beeld dat een verdachte onschuldig is.”
In het pand van iCOV, op een steenworp van de Utrechtse rechtbank, wordt Stijn van den Broek geflankeerd door Debby Westerbeek, vermogensadviseur met als standplaats de Bossche vestiging van het Functioneel Parket, maar werkend voor het gehele FP. Tijdens het kappersverhaal van de iCOV-directeur heeft ze instemmend geknikt; haar hoef je de kracht van een iCOV-rapportage niet uit te leggen. “Het mooie van het voorbeeld is dat zo’n rapportage niet alleen maar nut heeft wanneer daarin precies staat hoe het vermogen van de verdachte is opgebouwd. Maar juist de omgekeerde situatie – dat daarin nauwelijks vermogen en inkomen stond vermeld toen de verdachte kapper zijn kostbare wagen op de kop tikte – is natuurlijk veelzeggend. De rapportage bevat ook het jaarsaldo van de bankrekeningen van de verdachte. Als vervolgens uit – bij de banken op te vragen – betaaloverzichten op die rekeningen blijkt dat de verdachte bijvoorbeeld nooit in supermarkten afrekent, dan betekent dit vaak dat er elders bij hem nog een cash-geldstroom is.”
Goudmijn
De infobox Crimineel en Onverklaarbaar Vermogen is een goudmijn die de gebruiker ondersteuning biedt om het onderzoek snel tot een goed einde te brengen. Het ingewikkelde werk is al gedaan: in de gegevens van de data leverende overheidsorganisaties kan in één keer gericht gezocht worden. Van den Broek weet nog hoe het vóór iCOV ging, toen hij nog bij de Autoriteit Consument en Markt werkte. “Daar moesten we het voor onze dossiers ook hebben van informatie-uitwisseling met je partners. Wilde je informatie van de Belastingdienst, dan moest je eerst uitzoeken wie je daar moest hebben. Vervolgens stuurde je daar een brief naar, waarin je ook al je bevoegdheden moest opschrijven. En dan kreeg je na één tot drie maanden eindelijk de gevraagde informatie – of niet, en dan waagde je een nieuwe poging. Zo deed je dat met alle organisaties. Aan het eind moest je van alle snippers informatie van die verschillende overheden een samenhangend geheel zien te maken. Nu, met iCOV, hebben die overheden hun eigen datasilo binnen iCOV. Via een datawarehouse kunnen die data bij elkaar gebracht en ontsloten worden. Daarin zit het grote werk, waarbij ook alle autorisaties moeten sporen met de wet- en regelgeving. De aanvragers van de rapportage moeten wel kunnen verantwoorden dat er voldoende aanleiding is om zo’n aanvraag te doen. Zo moet de aanvraag bijvoorbeeld vallen binnen de wettelijke taak van de aanvrager, moet het gaan om een delict waarop vier jaar celstraf staat, moet het delict een financieel doel hebben en moeten er objectieve en concrete aanwijzingen zijn voor dat delict. De informatie moet echt nodig zijn voor het onderzoek en niet op een andere manier al makkelijk zijn te verkrijgen. Maar staan die lichten op groen, dan gaat het snel. Dan krijgen aanvragers alle informatie uit de datasilo’s waartoe zij bevoegd zijn in één rapportage overzichtelijk bij elkaar. Afhankelijk van het type rapportage (zie kader iCOV: drie rapportages red.) ontvang je die binnen een dag tot binnen drie weken. De iCOV-rapportage Vermogen en Inkomen ontvang je vrij snel. We hebben ook een iCOV-rapportage Relaties. Daarbij duurt het wat langer, want die relaties worden weergegeven tot maximaal drie lagen diep. Maar niet alle relaties die in dat schema staan, zijn relevant voor de zaak die je aan het doen bent, dus om aan de privacyregels te voldoen, wordt dat handmatig door iCOV-medewerkers teruggesnoeid. Maar het voordeel is groot. Omdat je één geïntegreerde aanvraag doet, komen ook relaties in beeld die je niet ziet als je informatieverzoeken bij de afzonderlijke leden had gedaan.”
Beslag teruggeven
Wie de afgelopen decennia de praktijk van geldgedreven opsporen volgde, weet dat de financiële bril inmiddels meer is opgezet. De opsporing van boeven draait niet langer om kerels en kilo’s, maar nu ook om knáken. Want als de criminaliteit doorgaans geldgedreven is, moet de opsporing daarvan financiële kansen ook benutten. Toch is in de praktijk nog winst te boeken, erkent Debby Westerbeek, de vermogensadviseur bij het Functioneel Parket.
Beeld: © OM
Debby Westerbeek: ‘Je kunt wel alles in beslag nemen, maar je wilt je beslag ook hóuden.’
“Je ziet mensen nog steeds soms een stap terugzetten als het op financieel rechercheren en afpakken aankomt. Dan ervaren ze het onderzoek ineens als spannend, lastig en ingewikkeld. Dat zie je bijvoorbeeld tijdens actiedagen, waarbij het onder meer de bedoeling is dat er beslag wordt gelegd. Dat is echt niet zo moeilijk, maar uiteraard moet je dan aan formaliteiten voldoen. De juiste formulieren gebruiken, het beslag goed registreren, motiveren waarom je in beslag neemt. Dus in proces-verbalen van bevindingen goed opschrijven waarom je denkt dat over het vermogen dat op naam van dochterlief staat, feitelijk de verdachte váder beschikt. Die registratie hebben opsporing en vervolging gewoon niet voldoende op orde. Het gevolg? Als wij na een vonnis tot executie willen overgaan, wordt daar met succes tegen geprocedeerd. Volgens de landsadvocaat moeten wij met enige regelmaat veel beslag weer teruggeven. Het is niet simpelweg onkunde of onwil, denk ik. Maar als de registratie van beslag niet op orde is, verstrijkt de tijd en loopt het in de termijnen weg. Ondertussen veranderen opsporingsteams van samenstelling. Gaandeweg het onderzoek wordt het wat vergeten en tja, dan valt het van de wagen. Ik hoop dat de komst van het vermogensdossier – een module in de Summit-software van de opsporingsdiensten – dat gaat veranderen. Zelf beschikken we als OM over vermogenstraceerders die kunnen adviseren en opsporingsbevoegdheid hebben. Zij kunnen bijvoorbeeld tijdens die actiedagen helpen bij de registratie en formaliteiten rond het beslag. Want als je weet hoe het moet, is beslag snel correct gelegd. En wat enorm kan helpen, zijn de rapportages die we via de vermogenstraceerders bij iCOV kunnen opvragen. In de praktijk moet je daar nog heel veel op wijzen. Daar wordt denk ik te weinig gebruik van gemaakt. Dat is een kwestie van capaciteit en keuzes maken.”
Beeld: © OM
Stijn van den Broek: ‘Vroeger moest je van alle snippers informatie van die verschillende overheden een samenhangend geheel zien te maken.’
Al in de intelfase
iCOV-directeur Stijn van den Broek beaamt het: “We zeggen dat criminaliteit niet mag lonen. Dan moet je ook je best doen om die crimineel in de portemonnee te raken. iCOV en al onze medewerkers kunnen daarbij helpen. Dus ik onderschrijf wat Debby zegt: Ga het doen. In de opsporing worden de personeelstekorten de komende jaren alleen nog maar groter. Dus het is noodzaak dat je op een andere, slimmere manier aan je informatie komt, in minder tijd dan we nu doen. En zeker, als we ineens veel meer aanvragen krijgen, kunnen we dat als iCOV prima aan.”
Debby Westerbeek: “Of het nou drugs-, fraude- of milieuonderzoeken zijn, de vraag is: waar is het criminele vermogen neergedaald? En zowel bij een groot als een klein onderzoek, is mijn oproep aan officieren en parketsecretarissen: bevraag iCOV! Op die manier financiële informatie ontsluiten is eenvoudig, en vermogenstraceerders helpen je daarbij. Zoals wij zeggen: dóe dat Aaikofje. Wij hopen dat rechercheurs dat binnenkort al in de intelfase mogen doen, zodat je dan al het afpakpotentieel en de afpakkansen ziet: is er vermogen, hoe verhult iemand dat en wie zijn erbij betrokken. Want je kunt op enig moment wel ergens binnenstappen en alles maar in beslag nemen, maar je wilt je beslag ook hóuden. De rapportages geven richting aan je onderzoek. Dan kun je daar rekening mee houden in je plan van aanpak. Ook tijdens de vervolging zien wij graag dat iCOV-rapportages regelmatig worden aangevraagd, maar dan door de vermogenstraceerders van het OM. Voordat een verdachte bij de rechter komt of voordat procesafspraken worden gemaakt. Doe zo’n aanvraag ook bij een hoger beroep: is er nog actueel vermogen? Dus doe zo’n aaikofje gedurende het hele proces, zodat het beeld up to date is als een zaak voor executie bij het CJIB terechtkomt. Want het doel is natuurlijk beslaan en effectief afpakken. Nu zien we nog dat er vanuit de overheid veel vorderingen openstaan op naam van verdachten, zonder dat er vermogen tegenover staat. Overigens, soms kun je vermogen niet beslaan, maar maken de scans ondertussen wel duidelijk dát er vermogen is. Dan kan dat voldoende zijn om te kunnen vaststellen dat bij de verdachte sprake is van betalingsonwil. Dan kun je dat meegeven aan het CJIB en kan dat eventueel een grond zijn om een verdachte te gijzelen – wat geen vervanging is van het betalen van het bedrag.”
‘Je ziet mensen nog steeds soms een stap terugzetten als het op financieel rechercheren en afpakken aankomt’
Van den Broek: “Ik denk dat je met de iCOV-rapportages ook heel goed de jonge aanwas voor criminele samenwerkingsverbanden kunt aanpakken. De crimineel die zijn horloges, dure trainingspakken en dikke auto nodig heeft om de buurt te laten zien dat hij een grote jongen is. Hem kun je nog heel goed in de portemonnee raken door gebruik te maken van zo’n vermogensdossier.”
Westerbeek: “Bij die jonge aanwas pak je nog de signalen op dat zij onverklaarbaar groot worden. Als je daar te laat bent, zijn criminelen bijna niet meer te pakken. Na tien jaar kun je bijvoorbeeld moeilijk bewijzen dat hun huizen met zwart geld zijn gekocht. En dan hebben ze huurinkomsten, en worden ze groter en groter. Hun vermogen is dan feitelijk inmiddels gelegaliseerd.”
Van den Broek: “Dan hebben ze op een gegeven moment ondernemingen in het buitenland opgericht. Ze doen niks meer zelf, maar laten alles doen. En dan zijn er voor hen allerlei methodes gevonden om dat geld weg te sluizen. Dan kunnen wij daar vanuit iCOV niet veel inzicht meer in geven; dan zijn we ze kwijt. Kortom, we moeten ze eerder knippen en scheren.”
Westerbeek: “Krijg je een crimineel wél op tijd voor witwassen veroordeeld, en heeft die een ontnemingsvordering van de Nederlandse staat tegen zich, dan ligt het anders. Dan wordt het voor hem toch ingewikkeld om bij banken een betaalrekening te krijgen. En wordt hij niet makkelijk meer groot.”