Op een steenworp
Tijd
Voor officier van justitie Ronald Steen lijken de wijzers van de klok op Curaçao twee keer zo snel rond te gaan als thuis in Rotterdam. Tegelijkertijd lijkt iedereen er tijd zat te hebben. Of toch in elk geval te doen alsof.
Ik wil het hebben over tijd. Tijd die anders verloopt, voelt en ervaren wordt in de tropen. De deadline voor dit stuk is morgen, dus ik begin er vandaag aan. Dat was nooit mijn gewoonte, maar zo gaat dat hier. Mijn requisitoirs in grote zaken heb ik altijd twee weken van tevoren klaar om zo in alle rust de ruimte te maken in je hoofd voor eventuele grote wijzigingen. En om stress te voorkomen. Ik neem er graag de tijd voor.
Hier gaan veel dingen op het laatste moment. Dat kan heel prettig zijn. Als je iemand in de supermarkt tegenkomt (waar je de helft van je salaris uitgeeft, omdat alleen yoghurt al 16 gulden kost), en je wilt met elkaar afspreken, dan zit je waarschijnlijk de volgende dag al samen aan de barbecue, in plaats van dat er agenda’s moeten worden getrokken en je pas zes weken later een gaatje vindt, zoals dat vaak in Nederland gaat. Tijd zat. Daar staat dan wel tegenover dat er hier ook niemand met zijn ogen knippert als voorlichtingsrapportages of aanvullende proces-verbalen pas een dag voor de zitting klaar zijn. Ook het inplannen van slachtoffergesprekken gebeurt eerder uren voor de zitting dan dagen of weken voor de zitting. Op tijd toch? Dat is best lastig voor een strak inplannende officier.
Beeld: © OM
Tijd lijkt hier ook sneller te gaan. Of het nu komt door alle nieuwe indrukken, de tijdelijkheid van onze aanwezigheid hier op het eiland of het warme klimaat; het lijkt wel of de wijzers van de klok hier twee keer zo snel rondgaan. We zitten hier nu al zestien maanden en mijn vriendin verzuchtte laatst dat we nog zóveel willen doen in zó weinig tijd.
Maar we benutten de tijd goed. Voor werk, maar ook voor ontspanning. Mijn vriendin is gisteren op één slag na clubkampioen golf geworden. Vanmorgen om half negen hebben we samen Telstar zich zien handhaven in de eredivisie, en HC Rotterdam met twee neefjes in de basis (en een van hen scorend) de finale zien halen van de play-offs hockey. Daarvoor nog hebben we twee uur gelopen door de zoutpannen, met uitzicht op flamingo’s. En dan is het nog maar elf uur op de zondagmorgen… Komende week zal er een stuk minder tijd voor ontspanning zijn. Ik ga het druk krijgen, met drie dagen zitting en een tweedaagse in Aruba met alle collega’s van de inlichtingendiensten. Ik kan helaas maar een dag, maar ik ga sowieso omdat ik een presentatie moet geven (die ik nog moet maken, want dat doe je hier dus op het laatste moment).
Een mitrailleur naast je bed
Ik ben net terug van een cursus bitcoin, afpakken en witwassen in El Salvador. Veel geleerd in een land waar de president het aantal moorden in korte tijd met negentig procent heeft teruggedrongen. Met name door heel veel mensen in de gevangenis te zetten. Het was interessant om te leren van de andere tien landen in deze regio die aan de bijeenkomst deelnamen. Bizar om te spreken met Boliviaanse rechters die de week ervoor een collega hebben begraven die was doodgeschoten vanwege zijn werk. Of met een Mexicaanse collega die continu geschaduwd werd door twee bewakers, en die thuis standaard een mitrailleur en een gewoon wapen naast zijn bed heeft liggen.
Twee weken geleden heb ik de eerste moordzaak op zitting afgerond die ik hier van begin tot eind heb meegemaakt. In de middag, inmiddels bijna een jaar geleden, werd in de wijk Seru Papaya een jongen van 19 in een auto doodgeschoten. Ondanks meerdere waarschuwingen reed ik er in de dienstauto toch alleen naartoe. Seru Papaya is een arme wijk waar de mensen – om het zachtjes uit te drukken – niet direct staan te popelen om een witte officier van justitie de weg te wijzen. En natuurlijk verdwaalde ik er. Uiteindelijk vond ik gelukkig de plaats delict en kroop ik ongeschonden onder de politielinten door (om daarna tegen de politie te zeggen: ‘Fill me in’, net als in de film).
In Nederland zou voor een dergelijk onderzoek een Team Grootschalige Opsporing worden opgestart, met een man of dertig die maandenlang met de zaak bezig zijn. Hier op Curaçao niet. Slechts vier man werkten keihard aan het onderzoek. Zoals het vaak gaat bij dit soort zaken hoorden ze van mensen op straat wie er bij het incident betrokken waren geweest. Foto’s van die twee mannen verschenen vervolgens al snel in de media. Een van de verdachten was pas 17 jaar. Zijn foto’s heb ik dan ook direct laten verwijderen. Privacy lijkt hier soms een andere definitie te hebben. Na een klopjacht van een aantal maanden, omdat ze steeds werden gewaarschuwd wanneer de politie een inval deed, werden de twee mannen uiteindelijk aangehouden. Ondanks al het bewijs hielden zij ook op zitting vol niks met de zaak te maken te hebben. De hele zitting lang toonden zij geen enkele emotie. Voor beide verdachten eiste ik 14 jaar cel. Een forse eis, zeker wanneer een van de verdachten nog maar een puber is, maar ik sta er wel achter.
Beperkte middelen
Zojuist ging mijn telefoon twee keer kort achter elkaar. Gebeurt niet vaak op zondag. De politie wilde een mondeling bevel om beelden te bekijken van de passagiers van een vliegtuig dat een uur geleden is vertrokken, om aan de aankomstautoriteiten te kunnen vertellen welke kleren een bepaald persoon droeg. Lekker op tijd. Het tweede telefoontje kwam ook van de politie. Een teamleider deed zijn beklag over de beperkte middelen waarover hij kan beschikken in een ondermijningsonderzoek. Het feit dat hij dat op zondagochtend doet, zegt wel iets over zijn bevlogenheid. Het is een frustratie die ik helaas maar al te goed herken. Het liefst zou je alle denkbare middelen inzetten om je doel te bereiken, en ook de grootste boeven te pakken, maar die middelen zijn hier vaak beperkt. De kunst is vooral om ondanks die beperkingen toch een zo groot mogelijke resultaat te bereiken. Daar besteed ik graag de tijd aan die ons nog rest, hier op Curaçao. Maar nu eerst nog even een paar uurtjes ontspannen. Het wordt alweer warm.
Ajooo!