Wat is snelrecht en supersnelrecht?

Supersnelrecht

Met supersnelrecht kunnen verdachten binnen de termijn van de inverzekeringstelling, dus binnen drie tot zes dagen, worden berecht. Het gaat bij supersnelrecht meestal om zaken als openlijk geweld, vernielingen, brandstichting en geweld tegen personen met een publieke functie maar als zich andere feiten voordoen, kunnen deze ook op de supersnelrechtzitting worden gezet.

In verband met de korte termijn tussen aanhouding en behandeling ter zitting moet het gaan om bewijstechnisch gezien relatief eenvoudige zaken. OM, rechter en verdediging moeten tijdig kunnen beschikken over een compleet dossier. Dat betekent dat complexere zaken waarin aanvullend onderzoek nodig is (zoals bij grote ordeverstoringen) in het algemeen niet in aanmerking komen voor supersnelrecht.

Gewoon snelrecht

Naast supersnelrecht bestaat ook nog het ‘gewone’ snelrecht. Snelrecht houdt in dat de verdachte die na inverzekeringstelling in bewaring wordt gesteld, binnen zeventien dagen voor de politierechter moet verschijnen.

Lik op stuk

Supersnelrecht wordt naast Oud en Nieuw toegepast ook bij andere grote evenementen zoals Koningsdag en voetbalwedstrijden toegepast. In 2014 zijn er 2759 supersnelrechtzaken behandeld en 3235 snelrechtzaken.

Met de toepassing van het lik-op-stuk-beleid wil het OM het signaal afgeven dat gewelddadig gedrag niet wordt getolereerd en direct wordt afgestraft. Het is een effectief middel om lik-op-stukbeleid uit te voeren.