Beslissing: 28 oktober 2021 AP Noord-Holland

Categorie luchtvaartzaak: Kleine bemande luchtvaart

Formele relaties: -/-

Inhoudsindicatie: Eigenaar vliegschool vervalst R/T certificaat. Sepot vanwege context en andere handelswijze in soortgelijk geval.

Beslissing OM

in de zaak tegen een eigenaar van een vliegschool, hierna de verdachte.

Aanleiding onderzoek

Het onderzoek is gestart naar aanleiding van een aangifte van een voormalig instructeur van de vliegschool [vliegschool].

Verdenking strafbaar feit

Overtreding art. 225 lid 1 Wetboek van Strafrecht (valsheid in geschrift).

Feiten en omstandigheden

Op grond van het onderzoek van de luchtvaartpolitie kan worden vastgesteld dat de verdachte in de periode van [datum 1 in het jaar] 2020 tot en met [datum 2 in het jaar] 2020 ten behoeve van een leerling-piloot een R/T certificaat heeft afgegeven met daarop de handtekening van een voormalig instructeur. Die handtekening was niet door de instructeur zelf geplaatst.

Om de waarheid te achterhalen is na een vordering van de luchtvaartofficier van justitie en een machtiging van de rechter-commissaris de telecommunicatie van verdachtes telefoonnummer opgenomen en afgeluisterd. In een van de gesprekken heeft de verdachte gezegd dat hij het certificaat heeft vervalst. 

Beslissing

De verdachte heeft zodoende het misdrijf valsheid in geschrift gepleegd. Dat is een strafbaar feit en de verdachte is daarvoor ook strafbaar.

Uit het onderzoek van de luchtvaartpolitie kwam naar voren in welke context dit gebeurde. Deze context is ook naar voren gekomen tijdens het onderhoud dat de luchtvaartofficier van justitie met de verdachte heeft gehad. Hoewel het geenszins een rechtvaardiging is, weegt de luchtvaartofficier van justitie mee dat er op de achtergrond een arbeidsconflict met de instructeur speelde, dat de verdachte geen kwade bedoelingen had met zijn handelen en dat hij hieruit ook geen enkel voordeel heeft getrokken.

De verdachte was ervan overtuigd dat de leerling het bewuste R/T examen had behaald, hij wilde haar niet de dupe van het arbeidsconflict laten worden en voorkomen dat zij grote vertraging zou oplopen bij het behalen van haar PPL-certificaat. De bedoeling van de verdachte was dan ook niet verkeerd.

Daarbij komt dat de verdachte heeft laten blijken dat hij van deze situatie heeft geleerd door later in een soortgelijke situatie anders te handelen. Bij een andere leerling-piloot was evenmin het vereiste R/T certificaat afgegeven. De verdachte heeft toen geweigerd het certificaat alsnog af te geven, al had de leerling daarop in verdachtes ogen recht op, met als gevolg dat deze leerling vertraging in zijn lestraject heeft opgelopen. 

Tegen deze achtergrond en alles afwegende meent de luchtvaartofficier van justitie dat de strafwaardigheid van het strafbare feit zodanig gering is, dat een strafrechtelijke sanctie onevenredig zwaar zou zijn. De zaak wordt daarom geseponeerd.