Beslissing: 9 november 2022 AP Noord-Holland

Categorie luchtvaartzaak: Kleine bemande luchtvaart

Formele relaties: -/-

Inhoudsindicatie: Helikopterlanding op industrieterrein. Gezagvoerder relatief onervaren. Voorwaardelijk sepot gelet op tijdsverloop en gevolgen van overtreding.

Beslissing OM

in de zaak tegen een gezagvoerder van een helikopter, hierna de verdachte.

Aanleiding onderzoek

Het onderzoek is gestart naar aanleiding van een melding van het operationeel centrum van de eenheid Noord-Holland.   

Verdenking strafbaar feit

Overtreding art. 8.1a Wet luchtvaart (met een luchtvaartuig landen op of opstijgen van niet-luchthaven).

Feiten en omstandigheden

Op grond van het onderzoek kan worden vastgesteld dat de verdachte op [datum in het jaar] 2021 als gezagvoerder van een helikopter zonder ontheffing een landing heeft gemaakt op een veld op het industrieterrein in [plaats]. De helikopter en de gezagvoerder kwamen uit [land in de EU].

Beslissing

Hoewel deze overtreding eenvoudig was vast te stellen, is aanvullend onderzoek gedaan naar de context van het gebeuren. De aanleiding daarvoor was dat de luchtvaartpolitie telefonisch aan de parketsecretaris had doorgegeven dat de verdachte onervaren was en om niet (gratis) vloog voor een [buitenlands] bedrijf, dat de vlucht verder had geregeld. In het licht van Just Culture werd het daarom passend gevonden om de rol van dat bedrijf te onderzoeken.

Uit het proces-verbaal dat na het aanvullend onderzoek is opgemaakt, blijkt dat sprake is geweest van miscommunicatie. De verdachte bleek namelijk expliciet te hebben verklaard dat hij niet voor een bedrijf heeft gevlogen, maar privé. Hij heeft voorts verklaard dat hij te horen had gekregen dat de landingsplaats was geregeld door de heliport commander. Achteraf gezien was het aanvullend onderzoek naar het bedrijf daarom niet nodig geweest.

Ondanks zijn relatief beperkte ervaring (circa 150 vlieguren) had de verdachte op basis van zijn opleiding moeten weten dat hij er niet van kan uitgaan dat de regels in Nederland hetzelfde zijn als die in [land in de EU]. Bij de voorbereiding van een vlucht naar het buitenland hoort dat wordt nagegaan wat de ter plaatse geldende regels zijn.

Het uitgangspunt bij de overtreding is volgens de Richtlijn strafvordering luchtvaartwetgeving een geldboete van € 800,--. Inmiddels is het echter ruim een jaar geleden dat de verdachte deze overtreding heeft gepleegd. De verdachte heeft er bovendien zelf ook consequenties van ervaren, nu hij vanaf de plek waar hij geland was ook niet mocht opstijgen en daarom een transportbedrijf hebt moeten inschakelen om de helikopter op een trailer te takelen en naar een andere plaats te vervoeren. Bij die stand van zaken acht de luchtvaartofficier van justitie een straf niet passend. Zij heeft de zaak daarom voorwaardelijk geseponeerd, dat wil zeggen dat de zaak helemaal van tafel is als de verdachte binnen 2 jaar geen nieuw strafbaar feit pleegt. In het kader van Just Culture moedigt de luchtvaartofficier van justitie de verdachte aan om de lessen die hij heeft getrokken uit dit voorval breed te delen en een ieder mee te geven zich bij toekomstige vluchten naar/in het buitenland te verdiepen in de aldaar geldende regels.