Beslissing: 31 mei 2024 AP Noord-Holland

Categorie luchtvaartzaak: Onbemande luchtvaart

Formele relaties: -/-

Inhoudsindicatie: Vlucht met drone boven bijeenkomst van mensen, waardoor sprake is van vliegen in de specifieke categorie zonder vergunning. Afdoening door middel van transactie.

Beslissing OM

in de zaak tegen een exploitant en bestuurder van een drone, hierna de verdachte.

Aanleiding onderzoek

Het onderzoek in deze zaak is gestart nadat op [datum in het jaar] 2024 tijdens een veiligheidscontrole op het dak van het Koninklijk Paleis Amsterdam een drone werd aangetroffen. 

Verdenking strafbaar feit

Overtreding van artikel 5 lid 1 Verordening 2019/947 (vliegen in de specifieke categorie zonder vergunning) en artikel 14 lid 5 Verordening 2019/947 (niet voldoen aan de registratieverplichting).

Feiten en omstandigheden

Uit het onderzoek blijkt dat de drone een DJI Mini 3 betreft, die 249 gram weegt en is uitgerust met een camera. Met deze drone zijn beelden gemaakt van een demonstratie, die [twee dagen voor het aantreffen van de drone] op [locatie] in Amsterdam plaatsvond.

De verdachte heeft zich een dag na het aantreffen van de drone gemeld bij de beveiliging van het Koninklijk Paleis Amsterdam met de mededeling dat zijn drone op het dak was terechtgekomen. Omdat de drone inmiddels door de politie in beslag was genomen, heeft hij zich vervolgens bij de politie gemeld.

De verdachte blijkt zich niet te hebben geregistreerd als exploitant van de drone bij de RDW, hoewel hij daartoe als eigenaar verplicht was. Hij was op [datum van de vlucht] ook de bestuurder van de drone. Hij dacht dat hij daar mocht vliegen, omdat de DJI-app dat zou hebben aangegeven.

De verdachte bevond zich echter in de Schiphol CTR, waar in de open categorie niet met een drone mag worden gevlogen. Daar komt bij dat uit de beelden blijkt dat hij boven een bijeenkomst van mensen heeft gevlogen. Daarmee is niet voldaan aan een van de voorwaarden voor de open categorie en werd feitelijk gevlogen in de specifieke categorie, waarvoor geen vergunning was verleend.

De verdachte verklaarde zijn drone pas drie dagen had en dat dit zijn eerste vlucht was. Hij had geen enkele ervaring met drones en was niet bekend met de geldende regels. Naar zijn zeggen heeft hij op een hoogte van ongeveer drie meter gevlogen en is de drone door een storing in de dakgoot van het paleis beland.

Uit screenshots in het dossier blijkt echter dat op grotere hoogte is gevlogen. Bovendien volgt uit de beelden dat sprake is van gevaarzetting. Op de opgeslagen foto's en video’s is te zien dat boven en over mensen is gevlogen. Daarnaast is op een video te zien dat de drone werd aangevlogen door een duif, waarna de drone ongecontroleerde bewegingen maakte in de nabijheid van omstanders.

Beslissing

Uit de feiten en omstandigheden volgen twee overtredingen, te weten het vliegen in de specifieke categorie zonder vergunning en het niet voldoen aan de registratieverplichting.

In de Richtlijn voor strafvordering luchtvaartwet- en regelgeving zijn uitgangspunten opgenomen voor de straftoemeting van luchtvaartovertredingen. Voor het vliegen in de specifieke categorie zonder vergunning wordt als uitgangspunt een boete van € 250,-- gehanteerd. Daarbij is opgemerkt dat maatwerk is geboden vanwege de variëteit aan omstandigheden.

Gelet op soortgelijke zaken en de omstandigheden van dit geval acht de luchtvaartofficier van justitie voor deze overtreding een boete van € 350,-- passend. Dit is vertaald naar een transactievoorstel van € 350,--. Dit voorstel is door de verdachte geaccepteerd.

Voor het niet registreren hanteert de strafvorderingsrichtlijn een geldboete van € 100,-- als uitgangspunt. De luchtvaartofficier van justitie ziet in dit geval aanleiding om van een boete af te zien. Daarbij is enerzijds meegewogen dat de verdachte zich inmiddels alsnog als exploitant heeft geregistreerd en het exploitantennummer op de drone heeft aangebracht. Anderzijds is rekening gehouden met de jonge leeftijd van de verdachte, zijn draagkracht en overige persoonlijke omstandigheden.