Beslissing: 20 februari 2025 AP Noord-Holland

Categorie luchtvaartzaak: Onbemande luchtvaart

Formele relaties: -/-

Inhoudsindicatie: Transactie voor het niet voldoen aan de registratieverplichting als drone-exploitant.

Beslissing OM

in de zaak tegen een exploitant en bestuurder van een drone, hierna de verdachte.

Aanleiding onderzoek

Het onderzoek in deze zaak is gestart nadat door de Koninklijke Marechaussee een drone was gedetecteerd in een verboden gebied.

Verdenking strafbaar feit

Overtreding van art. 4 Regeling zonering onbemande luchtvaartuigen (vluchtuitvoering in verboden havengebied voor de open categorie) en art. 14 lid 5 en 8 Verordening 2019/947 (respectievelijk het niet registreren als exploitant en het niet aanbrengen van het exploitantennummer op de drone).

Feiten en omstandigheden

Op grond van het onderzoek kan worden vastgesteld dat de verdachte op [datum in het jaar] 2024 vanaf [straat] te [plaats] met een drone (merk DJI, type mini 3 pro, 249 gram) heeft gevlogen om beelden te maken van een trouwerij. Dit betrof een vlucht in de open categorie.

De medewerker van de Koninklijke Marechaussee die ter plaatse is gekomen, heeft geconstateerd dat de vlucht met de drone aan de rand van het verboden gebied heeft plaatsgevonden en heeft besloten ten aanzien daarvan te volstaan met een waarschuwing.

De medewerker van de Koninklijke Marechaussee heeft zich vervolgens geconcentreerd op een andere verdenking, die ziet op verdachtes rol als eigenaar en daarmee exploitant van de drone. Aan de registratieverplichting had de verdachte niet voldaan. De verdachte heeft daarom evenmin voldaan aan de verplichting om het exploitantennummer op de drone aan te brengen.

Beslissing

Op de waarschuwing ten aanzien van het vliegen in het verboden gebied zal het OM niet terugkomen, ook al behoort een zorgvuldige vluchtvoorbereiding tot de verantwoordelijkheid van de piloot op afstand en zou het verboden gebied daarbij zijn opgevallen. Thans resteren twee overtredingen die kunnen worden bewezen: het niet voldoen aan de registratieverplichting en het niet aanbrengen van het exploitantennummer op de drone.

Het uitgangspunt voor deze overtredingen is volgens de strafvorderingsrichtlijn telkens een boete van € 100,--. Het OM richt zich echter uitsluitend op de overtreding van de registratieverplichting, omdat het niet aanbrengen van het exploitantennummer op de drone daaruit rechtstreeks voortvloeit. Bovendien blijkt uit navraag bij de luchtvaartpolitie dat de verdachte zich kort na zijn verhoor alsnog als exploitant heeft geregistreerd bij de RDW. Het OM gaat ervan uit dat de verdachte het exploitantennummer inmiddels eveneens op de drone heeft aangebracht. Het OM acht daarom een boete van € 100,-- passend en toereikend.

Deze boete is vertaald naar een transactievoorstel van € 100,--, dat door de verdachte is geaccepteerd.