Beslissing: 20 mei 2025 AP Noord-Holland
Categorie luchtvaartzaak: Kleine bemande luchtvaart
Formele relaties: -/-
Inhoudsindicatie: Geen strafrechtelijk onderzoek naar laagvliegen na waarschuwing door de ILT.
Beslissing OM
in de zaak tegen een gezagvoerder van een eenmotorig propellervliegtuig, hierna de verdachte.
Melding
De afdeling toezicht van de ILT heeft een melding gedaan over een laagvliegend toestel. Uit deze melding komt onder meer het volgende naar voren:
- volgens een burger heeft het toestel op [datum in het jaar] 2025 boven zijn woonwijk meerdere cirkels gemaakt, waarbij het op een bepaald moment is gedaald tot een hoogte van naar schatting 100 à 150 meter, om vervolgens weer te klimmen;
- uit onderzoek van de ILT bleek dat het ging om een toestel met registratienummer PH-[XXX], dat boven aaneengesloten bebouwing heeft gevlogen op een hoogte van 390 voet en daarbij meerdere turnarounds heeft uitgevoerd;
- nadat de ILT een brief aan de eigenaar van het toestel had gestuurd om de gezagvoerder te achterhalen, ontving zij drie dagen later een schriftelijke reactie van de gezagvoerder;
- de gezagvoerder verklaarde dat hij tijdens de vlucht boven steden de minimale vlieghoogte van 1.000 voet heeft aangehouden, maar dat hij bij het dorp [plaats] mogelijk gedurende korte tijd onbedoeld hoogte heeft verloren;
- de ILT heeft geoordeeld dat handhavend optreden aangewezen was en heeft, gelet op de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht, gekozen voor een waarschuwingsbrief als passend bestuurlijk handhavingsinstrument;
- de gezagvoerder is op 12 mei 2025 gewaarschuwd voor overtreding van voorschrift SERA.5005 onder f van Verordening 923/2012 (het uitvoeren van een vlucht beneden de voorgeschreven minimum vlieghoogte) en art. 5.3 Wet luchtvaart (het zodanig aan het luchtverkeer deelnemen dat daardoor personen of zaken in gevaar kunnen worden gebracht);
- daarnaast is de gezagvoerder verzocht binnen vier weken aan te geven hoe hij vergelijkbare overtredingen in de toekomst zal voorkomen en informatie te verstrekken over een eerstvolgende vergelijkbare vlucht;
- de ILT heeft tevens aangegeven dat van dit voorval melding zou worden gedaan bij de luchtvaartpolitie.
Beslissing
De luchtvaartofficier van justitie heeft besloten geen strafrechtelijk onderzoek in te stellen naar dit voorval. Bij voorvallen met een grotere impact op de veiligheid of voorvallen waarin sprake lijkt van recidive, kan het opportuun zijn om naast een waarschuwing van de ILT ook strafrechtelijk op te treden. Daarvan is in dit geval geen sprake. De luchtvaartofficier van justitie ziet onvoldoende meerwaarde in een strafrechtelijk onderzoek gelet op de houding van de gezagvoerder, de waarschuwing die door de ILT is gegeven, het feit dat hij daardoor bij zowel de ILT als de luchtvaartpolitie in beeld is gekomen en de prioritering van zaken in verband met de beschikbare capaciteit van de luchtvaartpolitie.