Beslissing: 3 september 2025 AP Noord-Holland
Categorie luchtvaartzaak: Onbemande luchtvaart
Formele relaties: Persbericht OM d.d. 9 oktober 2025
Inhoudsindicatie: Dagvaarding na weigering van transactievoorstel voor vliegen in Schiphol CTR.
Beslissing OM
in de zaak tegen een bestuurder van een drone, hierna de verdachte.
Aanleiding onderzoek
Het onderzoek in deze zaak is gestart naar aanleiding van een detectie van een drone in de Schiphol CTR.
Verdenking strafbaar feit
Overtreding van art. 7 lid 1 Regeling onbemande luchtvaartuigen (uitvoeren van een vlucht in een civiel luchtverkeersleidingsgebied) en UAS.OPEN.060 lid 2 onder a Verordening 2019/947 (als piloot op afstand onder invloed van psychoactieve stoffen of alcohol zijn).
Feiten en omstandigheden
Op grond van het onderzoek kan worden vastgesteld dat de verdachte op [datum in het jaar] 2024, omstreeks 18:54 uur in Amsterdam in de omgeving van [adres] heeft gevlogen met een drone. Deze locatie valt binnen de Schiphol CTR, een civiel luchtverkeersleidingsgebied. Tijdens de vlucht heeft de verdachte voldaan aan de voorwaarden voor het vliegen met de drone in de open categorie.
Tijdens het onderzoek constateerde de verbalisant dat de verdachte bloeddoorlopen ogen had en dat zijn adem naar alcohol rook. Daarop is een andere verbalisant ter plaatse gekomen met zogenoemd voorselectieapparaat. Hiermee is een voorlopige blaastest afgenomen. Het resultaat daarvan was een A (Alert), wat een duidelijke indicatie is van alcoholgebruik.
Beslissing
Naar het oordeel van het OM schiet het bewijs te kort om te kunnen vaststellen dat de verdachte het alcoholverbod heeft overtreden. Weliswaar zijn er duidelijke aanwijzingen voor alcoholgebruik, maar deze hebben niet geleid tot nader onderzoek en de verdachte is daarover niet nader bevraagd.
Wettig en overtuigend bewijs is wel voorhanden voor de overtreding van het uitvoeren van een vlucht in de Schiphol CTR.
De verklaring die de verdachte heeft gegeven, doet daaraan niet af. Hij heeft verklaard dat hij zich er niet van bewust was dat het op de betreffende locatie niet was toegestaan om met een drone te vliegen. Hij verklaarde op Schiphol te werken en te weten dat daar niet mag worden gevlogen. Hij ging er naar eigen zeggen van uit dat er buiten een straal van 6 kilometer wel mocht worden gevlogen. Het is echter de verantwoordelijkheid van de verdachte om zich op de hoogte te stellen van de geldende dronewet- en regelgeving. Op diverse websites, waaronder die van de Rijksoverheid, wordt daarvoor aandacht gevraagd.
Voor het vliegen in een civiel luchtverkeersleidingsgebied is in de Richtlijn voor strafvordering luchtvaartwet- en regelgeving als uitgangspunt een geldboete van € 250,-- opgenomen. Het OM ziet geen aanleiding om van dit uitgangspunt af te wijken.
De boete is vertaald naar een transactievoorstel van € 250,--. Dit voorstel heeft de verdachte geweigerd. Daarom is de verdachte gedagvaard om te verschijnen voor de kantonrechter op de luchtvaartzitting van 9 oktober 2025.
Luchtvaartzitting
De officier van justitie heeft ter zitting gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld tot een geldboete van € 250,--. De rechter heeft de verdachte bij verstek overeenkomstig die vordering veroordeeld.