OM eist gevangenisstraf en beroepsverbod tegen verdachte voor oplichting lichaamseigen materiaal pasgeborenen
Het Openbaar Ministerie eiste vandaag een gevangenisstraf van 12 maanden (waarvan 4 maanden voorwaardelijk) tegen een 44-jarige verdachte uit Nieuw-Vennep voor oplichting. Daarnaast krijgt hij wat het OM betreft een beroepsverbod van 5 jaar en mag hij in die periode niet meer als ondernemer in de zorg aan de slag.
De verdachte haalde volgens het OM ouders over om tegen betaling lichaamseigen materiaal van hun (pasgeboren) kinderen op te laten slaan. Daarbij spiegelde hij de slachtoffers voor dat de stamcellen in dat materiaal in de toekomst gebruikt zouden kunnen worden voor de potentiële behandeling van ernstige ziektes. “We kunnen ons denk ik allemaal wel voorstellen hoeveel waarde en hoop de donoren hebben gehecht aan de opslag van dat weefsel.”
Verdachte deed zich voor als erkende en gecertificeerde weefselinstelling voor de opslag en bewerking van lichaamseigen materiaal. Op de websites van het bedrijf wekte de man onterecht de indruk dat hij was aangesloten bij keurmerken. Volgens het OM bewoog verdachte de ouders van pasgeboren kinderen tot het afgeven van navelstrengbloed, (een deel van) de navelstreng zelf en melktanden.
De officier van justitie vandaag: “Uit de aangiftes en slachtofferverklaringen blijkt dat veel nieuwe ouders tot de donatie besloten omdat er in hun onmiddellijke omgeving dierbaren waren die een ernstige, erfelijke ziekten hadden of daaraan zijn overleden. De donatie was voor hen een verzekering, een hoop voor als het met hun kinderen mis mocht gaan.”
De slachtoffers betaalden verdachte in de veronderstelling met een legitiem en gecertificeerd bedrijf van doen te hebben, en dat het het weefsel van pasgeborenen later, door er stamcellen uit te destilleren, van pas zou kunnen komen in medische procedures.
In 2014 echter trok verdachte zijn aanvraag tot erkenning bij de benodigde instanties in. Aanleiding daarvoor was dat de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) in niet mis te verstane woorden aangaf dat verdachte de deskundigheid, veiligheid en kwaliteit miste om op een correcte wijze een weefselinstelling uit te baten.
Verdachte wekte desondanks -in zijn communicatie met klanten en op websites- steeds de indruk dat hij volledig erkend en gecertificeerd was. De website zag er professioneel uit en verdachte wekte de indruk dat er een heel team voor de klanten klaarstond. Dat de verdachte zijdelings verantwoordelijke instanties met kwade intenties om de tuin leidde, wordt door het OM hoog opgenomen.
Mede omdat bestuursrechtelijke handhaving niet mogelijk wat is in 2019 besloten tot het doen van strafrechtelijk onderzoek. In 2020 werd verdachte internationaal gesignaleerd. In 2023, na aanhouding, is het onderzoek doorgezet en werd ook lichaamsmateriaal in beslag genomen.
Op zitting stond de officier van justitie vandaag uitgebreid stil bij de impact die het handelen van verdachte heeft gehad op zijn slachtoffers: “De hoop was dat met nieuwe medische inzichten de eigen stamcellen gebruikt zouden kunnen worden voor behandelingen tegen ernstige ziektes. De motivatie hiervoor lag bij een aantal van de slachtoffers in heel persoonlijke en heftige familieomstandigheden. Eén van de slachtoffers heeft een kind verloren aan een zeldzame DNA-mutatie. Haar andere zoon heeft dezelfde aandoening. Een ander slachtoffer heeft tijdens haar zwangerschap een zus verloren aan kanker. Voor slachtoffers zal voor altijd de onzekerheid blijven of wanneer de noodzaak daartoe zou ontstaan, het weefsel met de stamcellen tot levensreddende behandeling had kunnen leiden.”
Het OM besloot de motivering van de strafeis voor de rechtbank in Arnhem met een boodschap richting de samenleving: “Het moet voor iedereen duidelijk zijn dat je niet zomaar een bedrijf kan starten die ingewikkelde medische behandelingen beloofd zonder dat je over de juiste expertise en organisatie beschikt.”
Het in beslag genomen lichaamsmateriaal bleek wegens de gebreken in de administratie en opslag door van verdachte niet terug te kunnen naar de slachtoffers. Een aantal buisjes was kapot, een deel was niet gestickerd, en een deel was niet meer herleidbaar naar de klanten van verdachte. In combinatie met de gebrekkige administratie en dito medewerking van verdachte maakten die omstandigheden dat de gehele verzameling van lichaamsmateriaal onbetrouwbaar moest worden verklaard. “Met geen enkele zekerheid kon nog worden gezegd dat wat op de sticker stond ook daadwerkelijk in het buisje zou zitten. Deze onzekerheid heeft het OM doen besluiten dat de kans op verwisseling zo groot was dat van teruggave geen sprake kon zijn. Daarop is, na uitgebreid overleg, ook besloten het materiaal te vernietigen”, aldus het OM.