Het Openbaar Ministerie Oost-Nederland eist gevangenisstraffen van 10,5 jaar en 9 jaar tegen twee verdachten in de strafzaak die in de media ook wel bekend is gaan staan als de ‘Zwolse drugsoorlog’. In de ogen van het OM zijn het een 33-jarige verdachte en een 34-jarige verdachte die een drugslijn onderhielden (de zogeheten Milanlijn) en een man ontvoerden. Voor degene tegen wie het OM de hoogste straf eist, geldt ook dat hij opdracht gaf tot het in brand steken van auto’s. “Deze zaak is een sprekend voorbeeld van hoe het criminele milieu met al zijn uitwassen zichtbaar wordt voor de gewone burger”, aldus de officier van justitie vandaag.
De drugshandel vond, zo acht het OM bewezen, plaats tussen januari 2022 en oktober 2024. En die handel was omvangrijk en lucratief. Uit onderschepte chats komt een beeld naar voren van een hoge dichtheid van bestellingen van diverse soorten drugs door klanten. Er is in deze periode voor bijna 1,7 miljoen euro aan transacties aangetoond, en dat zijn slechts de girale overboekingen; op sommige dagen zou het daarnaast gaan om 8000 euro aan contante betalingen.
Uit verklaringen van anderen en uit uitgebreid onderzoek van telefoongegevens blijkt volgens het OM de prominente, leidinggevende rol van deze twee verdachten als beheerders van de drugslijn. Het OM vandaag tijdens de motivering van de strafeis: “Het ging om een goed georganiseerd geheel, waarin gebruik werd gemaakt van vullers, koeriers, een klantenbestand, afgeschermde bankrekeningen en geldezels. Bij dit alles bleven deze twee verdachten veelal buiten beeld.”
Het OM legt vandaag aan de rechtbank voor dat beide verdachten een bedrag van 495.562,24 moeten terugbetalen. Het OM gaat bij deze ontnemingsvorderingen uit van een minimale schatting van de gemaakte winst.
De 33-jarige verdachte geeft in september 2024 twee keer de opdracht tot het in de brand steken van auto’s. Onderliggend motief daarvoor zou zijn dat het klantenbestand van de drugshandel zou zijn gestolen. Hoewel andere personen de branden (op 10 en 12 september 2024) stichten, blijkt volgens het OM uit onderschepte chats dat daartoe opdracht is gegeven door verdachte.
Vervolgens wordt de auto van de vader van deze verdachte in brand gestoken, dat gebeurt daags erna, op 13 september, iets na twee in de nacht. Diezelfde dag vindt een wederrechtelijke vrijheidsberoving (ontvoering) plaats. Het slachtoffer wordt naar een woning gelokt, daar met een vuurwapen tegen het hoofd geslagen, ontkleed, gefilmd en bedreigd. Hij moest vertellen wie de auto van de vader van verdachte in brand had gestoken.
Vervolgens wordt de 33-jarige verdachte zelf ook slachtoffer van een schietincident. Deze gang van zaken typeert volgens het OM hoe de situatie in Zwolle is geëscaleerd. De officier van justitie tijdens het requisitoir: “De brandstichtingen zijn gevolgd door een groot aantal andersoortige aanslagen, ook op woningen van familieleden. Veroordelingen tot 10 jaar gevangenisstraf zijn in verband met diverse aanslagen reeds uitgesproken. Het geheel is vanzelfsprekend niet onopgemerkt gebleven in de buitenwereld en het opeenvolgende geweld heeft in de media de term ‘de Zwolse drugsoorlog gekregen’.”