“Dit klinkt als een scenario voor een horrorfilm”, aldus de officier van justitie in de rechtszaal in Zwolle vandaag. Het was op 23 september 2025. De verdachte, een 57-jarige man uit Zwolle, ging naar het huis van zijn ex-vrouw. Hij nam een mes mee en stak haar daarmee acht keer. Een vluchtpoging verhinderde hij door haar aan haren en kleren naar de grond te trekken, zo verklaarde het slachtoffer. Haar gegil alarmeerde de buren. Zij belden 112. De officier van justitie: “Als het aan de verdachte had gelegen, dan had mevrouw op deze 23 september 2025 haar ogen definitief gesloten.” De strafeis luidt 9 jaar cel. De verdenking is poging doodslag, zware mishandeling en bedreiging.

Aan het begin van de bewuste avond krijgt het slachtoffer verschillende berichten van haar ex. Hij wil praten over een financiële kwestie. Rond 20.30 uur staat hij onaangekondigd bij haar op de stoep. Om te praten, zo stelt hij. Maar als hij na het gesprek de woning lijkt te verlaten, begint hij plotseling te steken met het mes. Uiteindelijk belt ook hij 112 en zegt ‘ik heb mijn vrouw neergestoken’.

De officier van justitie: ”Wat bezielt deze man dat hij de vrouw waarmee lang getrouwd is geweest en met wie hij kinderen heeft, zomaar neersteekt. Zij zijn uit elkaar. Meneer heeft dit niet kunnen accepteren en dat heeft deze daad als gevolg gehad. Ik zie dit als een onvoltooide femicide; het afrekenen met de vrouw die niet bij hem wil zijn.” De verdachte vertoonde al sinds de scheiding obsessief gedrag richting zijn ex, zo blijkt uit verschillende getuigenverklaringen.

In Nederland zien we veelvuldig geweld tegen vrouwen. Vaak is de dader de partner of de ex-partner. De officier: “Laat ik heel duidelijk zijn. Deze vrouw heeft – net als elke andere vrouw – het recht om zelf te beslissen over haar leven. Wat ze doet,  met wie ze omgaat, met wie ze een relatie heeft en met wie ze een relatie beëindigt. En niemand heeft het recht om haar af te rekenen op de keuzes die zij maakt.”

Naast de poging tot doodslag en de zware mishandeling met zwaar lichamelijk letsel tot gevolg, verdenkt het OM de verdachte van bedreiging. Hij stuurde een dreigbrief aan een ander gezin, waarin hij onder andere refereert aan een redelijk recente brandstichting bij dat gezin. Dat verdachte zelf verantwoordelijk was voor die brandstichting is niet te bewijzen. Maar alleen al door hier op zo’n intimiderende en dreigende manier naar te verwijzen, heeft hij het betreffende gezin veel angst aangejaagd. 

Het OM acht het van groot belang dat verdachte kan worden behandeld, ook nog na het uitzitten van zijn straf. Daarom eist het OM aanvullend een vrijheidsbeperkende en gedragsbeïnvloedende maatregel en een contact- en locatieverbod voor na zijn detentie.