OM eist geldboetes tegen dochterondernemingen VolkerWessels en bestuurder

Het Openbaar Ministerie (OM) heeft maandag een geldboete van € 525.000 geëist tegen twee dochterondernemingen van bouwbedrijf VolkerWessels, Volker Construction International BV (VCI) en Volker Stevin Caribbean NV (VSC). Daarnaast eiste het OM een geldboete van € 17.500 tegen een voormalig bestuurder. Volgens het OM hebben de verdachten zich schuldig gemaakt aan het omkopen van een hooggeplaatste ambtenaar bij de bouw van een brug op Sint Maarten. De betrokken ambtenaar was lange tijd gedeputeerde en minister op het eiland.

De zaak draait om de bouw van de zevenhonderd meter lange Causewaybrug op Sint Maarten die in 2013 werd opgeleverd. De brug vormt een belangrijke verbinding tussen het Franse deel en de internationale luchthaven op het Nederlandse deel van Sint Maarten. Volgens het OM is de opdracht voor de bouw van deze brug aan de betrokken ondernemingen gegund, omdat zij via een tussenpersoon steekpenningen hebben beloofd en betaald aan een voormalig gedeputeerde en later minister van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ontwikkeling, Milieu en Infrastructuur (VROMI). Deze minister had veel invloed op het eiland en was verantwoordelijk voor de bouwvergunningen in de haven.

Belangrijke rol

De FIOD startte in 2017 een onderzoek naar de vermoedelijke omkoping. Het onderzoek heeft veel tijd in beslag genomen, vooral vanwege getuigenverhoren en rechtshulpverzoeken. De voormalige ambtenaar is op Sint Maarten inmiddels onherroepelijk veroordeeld voor het aannemen van steekpenningen. Dat geldt ook voor de betrokken tussenpersoon die als agent optrad voor de dochterondernemingen. De Nederlandse tussenpersoon had een belangrijke rol, omdat door VCI met hem een consultancyovereenkomst werd gesloten. Via die constructie werden volgens het OM de steekpenningen aan de betrokken ambtenaar betaald. Volgens het OM heeft de bestuurder onvoldoende maatregelen genomen om omkoping te voorkomen en te beëindigen. VSC was in deze zaak betrokken, omdat het als lokaal bedrijf een bouwovereenkomst sloot met het Sint Maartense havenbedrijf.

Kroongetuige

Volgens het OM is tegen alle verdachten voldoende bewijs dat zij zich schuldig hebben gemaakt aan omkoping. De verklaringen van de Nederlandse tussenpersoon staan centraal in dit strafdossier. Met de tussenpersoon is door het OM op Sint Maarten in maart 2019 een kroongetuige-overeenkomst gesloten. Volgens de tussenpersoon was ‘er maar één de baas op het eiland’ en dat was de betrokken ambtenaar. Als er niet aan die ambtenaar zou worden betaald, dan zouden de dochterondernemingen van VolkerWessels geen nieuwe contracten krijgen. De ambtenaar eiste 2% van de totale aanneemsom van USD 43 miljoen voor zichzelf. De betaling van de steekpenningen door de dochterondernemingen via de tussenpersoon aan de ambtenaar werd verhuld. Zo overhandigde de tussenpersoon meermalen op een parkeerplaats contante bedragen in kranten en tekeningen aan de ambtenaar.

Betrouwbare overheid

Volgens de officieren van justitie moet een samenleving kunnen vertrouwen op de integriteit van ambtenaren. Ambtelijke omkoping schaadt dat vertrouwen. Verder worden andere burgers en bedrijven benadeeld, omdat de omkoper wordt voorgetrokken. De officieren vinden verder dat van een groot en internationaal opererend bouwbedrijf als VolkerWessels mag worden verwacht dat zij zich houdt aan anti-corruptiewet- en regelgeving, ook als zij overzees opereren.

Feitelijke leidinggevenden

Het OM acht het van belang dat ook Nederlandse functionarissen verantwoording afleggen voor betrokkenheid bij omkoping van buitenlandse ambtenaren. Door het OM zijn drie feitelijke leidinggevenden vervolgd. Aan twee van hen heeft het OM in oktober 2025 strafbeschikkingen in de vorm van een geldboete opgelegd. De derde, de bestuurder, stond vandaag voor de rechter. In de strafeis tegen hem heeft het OM rekening gehouden met het feit dat hij geen persoonlijk financieel voordeel heeft gehad en dat de zaak langer heeft geduurd.