OM eist celstraffen van 16 en 14 jaar tegen verdachten van dodelijke schietpartij in Eindhoven
Op 10 juli 2023 vindt op klaarlichte dag een dodelijke schietpartij plaats aan de Heezerweg in Eindhoven. Omwonenden bellen de hulpdiensten, terwijl de verdachten zich uit de voeten maken. Het slachtoffer overlijdt ter plekke aan zijn verwondingen. De 27-jarige en 31-jarige mannen die verantwoordelijk zouden zijn, stonden vandaag voor de rechter. Het Openbaar Ministerie (OM) eist gevangenisstraffen van 16 en 14 jaar tegen hen.
Al snel na het incident komt de politie de twee verdachten op het spoor. Bewijsmateriaal zoals onderschept berichtenverkeer, sporenonderzoek en getuigenverklaringen brengen de twee in verband met de dodelijke schietpartij. Onduidelijk blijft echter wie van hen de trekker overhaalt en dus verantwoordelijk is voor het fatale schot.
Drill rap
Buiten kijf staat dat het vuurwapen waarmee het slachtoffer wordt doodgeschoten, op en rond 10 juli in de aanwezigheid van beide verdachten is. Het zou maandenlang in bezit zijn geweest van de 27-jarige verdachte, maar drie dagen voor het incident verschijnt de 31-jarige verdachte met het vuurwapen in een zogenaamde drill rap-video. De politie herkent het vuurwapen in de video aan het unieke serienummer. In verhoren wijzen de verdachten naar elkaar, op de vraag wie het wapen in bezit had en wie er uiteindelijk geschoten heeft.
Medeplegen
Naar oordeel van het Openbaar Ministerie is het bijzonder teleurstellend dat niet kan worden vastgesteld wie het slachtoffer om het leven bracht. Wat volgens het OM wél kan worden vastgesteld, is dat beide verdachten schuldig zijn aan het medeplegen van de dodelijke schietpartij. Het incident op 10 juli stond niet op zichzelf, het was het sluitstuk van een trits aan criminele activiteiten van de twee verdachten. Niet alleen stalen ze vlak daarvoor een auto, ze bedachten samen het plan om op 10 juli een partij wiet van het slachtoffer afhandig te maken. Wat er zich ter plekke precies heeft afgespeeld blijft onduidelijk. Maar dat beide verdachten de dood van het slachtoffer op hun geweten hebben, staat wat het OM betreft als een paal boven water.
De officier van justitie: "De nabestaanden van het slachtoffer treft niet alleen veel verdriet, maar ook boosheid. De man werd in zijn rug geschoten en was niet gewapend. De manier waarop het slachtoffer van zijn leven werd beroofd, laf en gewetenloos, maakt zijn dood voor hen onverteerbaar."