‘’Ruim anderhalf jaar geleden, op 15 december 2024, voltrok zich een groot drama op de Maasstraat in Purmerend. Vandaag kwam naar voren hoe de gevolgen van wat er die nacht is gebeurd, het leven van vele personen nog dagelijks beïnvloeden. Het is niet voor te stellen dat dit een gerichte en bewuste actie is geweest, een aanslag.’’ Zo opende de officier van justitie vandaag het requisitoir. Het OM beschouwt een 20-jarige man uit Purmerend als initiator van deze aanslag en eiste tien jaar gevangenisstraf.
Opdracht en motief
Door de explosie ontstond een grote brand. Uit onderzoek is gebleken dat de explosie opzettelijk was veroorzaakt bij de voordeur van de woning. Er werden restanten aangetroffen van een vuurwerkbrandstofcombinatie (VBC), die bestond uit minstens zes Super Cobra’s en zes literflessen wasbenzine. Uit het dossier is naar voren gekomen dat de twee minderjarige uitvoerders zijn aangestuurd door de 20-jarige verdachte. De minderjarige uitvoerders stonden op 21 mei jl. terecht en zijn door de rechtbank inmiddels veroordeeld. Het motief van de opdrachtgever heeft volgens het OM te maken met een conflict dat hij had met één van de bewoners van het getroffen huis over gestolen accu’s. Een motief dat de verdachte meerdere malen bevestigt in afgeluisterde gesprekken.
Ernstige gevolgen
De VBC veroorzaakte brand in de hal van de woning, op de trap en op de bovenverdiepingen. Hierdoor was de belangrijkste vluchtroute vanuit de slaapkamers geblokkeerd. De brand is vervolgens overgeslagen naar de naastgelegen woningen, waar ook bewoners lagen te slapen. Voor de bewoners van het getroffen huis, een moeder en twee kinderen, was de impact het grootst. De jongste zoon is ernstig verbrand en is door alle littekens en de verminking van zijn lichaam voor het leven getekend. Daarnaast is het huis onbewoonbaar verklaard en zijn hun bezittingen, waaronder spullen van emotionele waarde, grotendeels verwoest. Ook de impact voor buren was enorm. Zij schrokken midden in de nacht wakker van de enorme explosie en er kwam rook hun slaapkamers binnen. Ze moesten hun huizen verlaten en hebben daar langere tijd niet kunnen wonen. Persoonlijke bezittingen zijn bij de brand verloren gegaan. Tot slot is de maatschappelijke impact in en buiten Purmerend groot geweest.
Poging tot moord
Voor het OM is het zonneklaar dat de explosie een gerichte en doelbewuste actie van de verdachte was, in de wetenschap dat daardoor brand zou ontstaan die de bewoners fataal kon zijn. Vanaf het moment dat de verdachte constateerde dat de accu’s gestolen waren, heeft hij nagedacht over represailles. Vervolgens zijn er uitvoerders buiten Purmerend geworven en is de omvangrijke VBC gemaakt. De verdachte gaf bovendien, samen met anderen, de opdracht aan de uitvoerders om de VBC zo dicht mogelijk tegen de woning aan te leggen en aan te steken. Ook moesten zij van verdachte wachten tot diep in de nacht. Een bewust uitgekozen moment waarop de slachtoffers thuis waren en lagen te slapen.
Criminele uitbuiting
Het OM vindt dat de verdachte zich ook schuldig heeft gemaakt aan mensenhandel in de vorm van criminele uitbuiting van de minderjarige uitvoerders. De verdachte heeft de uitvoerders ertoe aangezet om met een VBC een levensgevaarlijke explosie teweeg te brengen. Hij heeft de uitvoerders geworven voor een klus, hen een beloning in het vooruitzicht gesteld en aan hen de VBC gegeven. De twee uitvoerders waren minderjarig en kwetsbaar. Bovendien liepen zij bij de uitvoering van de explosie gevaar om gewond te raken of gepakt te worden. De officier: ‘’Door op deze manier een ander te gebruiken bij het uitvoeren van een dergelijk strafbaar feit, liep verdachte zelf aanzienlijk minder risico’s. Hij heeft een criminele dienst geleverd gekregen waarvoor hij niet heeft betaald. Daarmee is naar het oordeel van het OM sprake van handelen met het oogmerk van criminele uitbuiting.’’
Strafeis
Voor het OM staat vast dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het (samen met anderen) veroorzaken van een explosie met levensgevaar voor de bewoners van de woning aan de Maasstraat en hun buren, en met gevaar voor goederen. Ook vindt het OM bewezen dat de verdachte samen met anderen geprobeerd heeft de bewoners van de Maasstraat opzettelijk en ter uitvoering van een plan te doden. Dat heeft hij volgens het OM gedaan door twee minderjarige uitvoerders in te zetten, en daardoor is mensenhandel in de vorm van criminele uitbuiting van die minderjarigen wettig en overtuigend te bewijzen. Het OM eiste tien jaar gevangenisstraf.