In deze rubriek wordt stap voor stap uitgelegd wat er met u gebeurt wanneer u wordt aangehouden voor het plegen van een strafbaar feit en voor verhoor overgebracht wordt naar het politiebureau.
Zo vindt u informatie over: het recht op bijstand van een advocaat, de duur van het voorarrest en wanneer uw zaak voor de rechter gebracht moet worden.
U wordt verdacht van een strafbaar feit.
U bent door de politie aangehouden en overgebracht naar het politiebureau
Vraag en antwoord
Inverzekeringstelling kan maximaal drie dagen duren. In uitzonderlijke gevallen kan de officier van justitie deze termijn met drie dagen verlengen. Als u drie dagen en achtien uur heeft vastgezeten moet u voor de rechter-commissaris zijn geleid. Die rechter toetst of de inverzekeringstelling juridisch in orde is.
Vraag en antwoord
- Wanneer is inverzekeringstelling toegestaan?
- Kan de inverzekeringstelling worden verlengd?
- Welke beperkingen kunnen tijdens de inverzekeringstelling worden opgelegd?
- Welke rechten heeft een buitenlandse verdachte?
- Waarom wordt de reclassering geinformeerd over de inverzekeringstelling?
Heeft de reclassering een rapport over u gemaakt, dan heeft de officier dat ook. Hij weet ook of u in contact bent geweest met politie of justitie.
De officier van justitie kan twee dingen beslissen:
- De officier van justitie vindt het niet nodig dat u nog langer wordt vastgehouden. U wordt dan in vrijheid gesteld. Dit betekent overigens niet dat u overal vanaf bent. De vervolging kan gewoon verder gaan. Besluit de officier om u verder te laten vervolgen, dus om de zaak voor de rechter te laten komen, dan krijgt u uw dagvaarding mee of ontvangt deze thuis.
- De officier van justitie vindt dat u nog langer moet worden vastgehouden. U wordt dan voorgeleid aan de rechter commissaris. Hij vraagt de rechter-commissaris om een 'bevel tot bewaring' af te geven. De rechter-commissaris zal u daarop horen. Ook u wordt in de gelegenheid gesteld om uw mening te geven. Wanneer de rechter commissaris beslist dat u langer vastgehouden moet worden begint daarmee de voorlopige hechtenis.
Vraag en antwoord
De voorlopige hechtenis bestaat uit twee delen. Het eerste deel heet bewaring en duurt maximaal 14 dagen en kan niet worden verlengd. Meestal wordt u overgebracht naar een huis van bewaring. (Het kan ook zijn dat u weer wordt teruggebracht naar het politiebureau; dit heet 'preventief zitten')
Na de bewaring beslist de raadkamer van de rechtbank of u nog langer vastgehouden moet worden. Dit heet gevangenhouding. Dit duurt maximaal 90 dagen.
De voorlopige hechtenis (bewaring en gevangenhouding bij elkaar) kan tussentijds worden beëindigd. Dat betekent dat u vrij komt. Bij schorsing kunnen bepaalde voorwaarden worden opgelegd; bij opheffing niet. Met andere woorden: opheffing is een definitieve beëindiging; schorsing kan, als u zich niet aan bepaalde voorwaarden houdt, weer worden teruggedraaid.
Wanneer u totaal 110 dagen in voorarrest heeft gezeten wordt u gedagvaard om voor de rechter te verschijnen. Als het onderzoek nog niet is afgerond wordt de zaak pro forma behandeld. Dat houdt in dat de zaak nog niet inhoudelijk wordt behandeld. Tijdens de pro forma zitting beslist de rechtbank over de voortduring van uw voorlopige hechtenis en kunnen er onderzoekswensen worden voorgelegd aan de rechtbank.
Bent u inmiddels op vrije voeten gesteld, maar wordt uw zaak wel aan de rechter voorgelegd dan ontvangt u een dagvaarding thuis.
Vraag en antwoord
Brochure: De wet DNA-onderzoek bij veroordeelden
Op grond van de Wet ‘DNA-onderzoek bij veroordeelden moeten mensen die veroordeeld zijn voor een misdrijf waarvoor voorlopige hechtenis is toegestaan verplicht celmateriaal afstaan. Deze brochure is bestemd voor mensen die veroordeeld zijn. In deze brochure leest u wat de maatregel inhoudt, wie DNA moet afstaan en wat van u verwacht wordt.
