16 maanden cel voor niet afdragen loonbelasting en witwassen van ruim 1 miljoen euro

In de rechtbank Den Bosch stond vorige week een 43-jarige verdachte voor de rechter. Hij wordt verdacht van het feitelijk leidinggeven aan meerdere bedrijven waarbij opzettelijk geen loonbelasting is afgedragen. Daarnaast wordt de man ook verdacht van witwassen in een periode van april 2016 tot december 2018. Het gaat in totaal om een benadelingsbedrag van 1.031.689,51  euro. Het Openbaar Ministerie (OM) heeft met de verdediging van de verdachte zogenaamde ‘procesafspraken’ gemaakt. In dit geval gaat het om een overeengekomen gevangenisstraf van 16 maanden, waarvan 6 voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Ook een ontneming van 52.000 euro is onderdeel van de gemaakte afspraken.
 

Opsporingsonderzoek

De verdachte was de enige bestuurder en aandeelhouder van een uitzendbureau in Sittard en gaf feitelijk leiding aan een uitzendbureau in Eindhoven. Dit laatste bedrijf stond op naam van een katvanger die verder niets met het bedrijf van doen had. Door deze bedrijven werd geen loonheffing betaald. Ook meerdere door de Belastingdienst opgelegde betaal-verzuimboetes bleven onbetaald. Op 25 maart 2021 is daarom besloten om onder gezag van het Functioneel Parket een strafrechtelijk onderzoek door de FIOD in te stellen. Dit opsporingsonderzoek wees uit dat er willens en wetens geen loonheffing is afgedragen. De bedrijven hadden namelijk wel mensen op de loonlijst staan, geen uitstel van betaling verzocht en ook geen melding van betalingsonmacht gemaakt. Dit, terwijl er op bankrekeningen van beide bedrijven ten tijde van het onderzoek bijna 2 miljoen euro werd bijgeschreven. In totaal droeg het bedrijf in Sittard 298.243 euro loonheffing te weinig af. Het bedrijf in Eindhoven betaalde 188.703 euro te weinig aan loonheffing.  De verdachte ontving daarnaast geld afkomstig uit misdrijven via verschillende bankrekeningen van aan hem gelieerde bedrijven. Dit geld werd doorgesluisd aan derden of contant opgenomen. De officier van justitie benoemt het beeld dat ontstaan is: "Het gaat om een web aan bedrijven, die vrijwel allemaal slechts in (zeer) beperkte mate hun fiscale verplichtingen nakomen en hoge belastingschulden hebben. Kenmerkend is dat een aantal van deze bedrijven op dezelfde adressen is gevestigd of dezelfde katvanger als bestuurder hebben." Het totale witwasbedrag is 544.743,51 euro.

Procesafspraken

Het OM eist tegen de verdachte een gevangenisstraf van 16 maanden, waarvan 6 voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Ook vordert het OM een ontneming van 52.000 euro en van het wederrechtelijk verkregen voordeel verkregen uit het witwassen. Deze straf is onderdeel van gemaakte procesafspraken tussen het OM en de verdediging van de verdachte. Zo voerde de verdachte geen verweer tegen de tenlastegelegde feiten en de ontneming. Als het vonnis niet wezenlijk afwijkt van de procesafspraken, is afgesproken dat beide partijen geen hoger beroep instellen. Als de rechtbank instemt met deze afspraken, draagt dat sterk bij aan de efficiënte afhandeling van deze zaak. De duur van de inhoudelijke behandeling, die wegens de complexiteit van de geldstromen tijdrovend zou zijn, is dan aanzienlijk ingekort en er volgt geen hoger beroep. Ook zorgen de procesafspraken ervoor dat er meer en eerder capaciteit voor andere onderzoeken beschikbaar komt en neemt de belasting in de hele strafrechtketen (door de snellere doorlooptijden) af. De Belastingdienst vordert het fiscale nadeel terug voor de Staat.

De rechtbank doet op 22 december 2024 uitspraak. Zowel verdediging als het OM hopen dat de rechtbank de procesafspraken zal volgen.